ECLI:NL:GHSHE:2018:4330
s een verklaring ex artikel 476a Rv en 476b Rv. 3.6 Voor de beantwoording van deze vraag acht het hof van belang dat de regeling niet inhoudt dat een derde-beslagene de ...
s een verklaring ex artikel 476a Rv en 476b Rv. 3.6 Voor de beantwoording van deze vraag acht het hof van belang dat de regeling niet inhoudt dat een derde-beslagene de ...
Ontvankelijkheid 3.1. Ter zitting heeft de vrouw verklaard dat mr. Gulickx haar om financiële redenen niet langer bijstaat als advocaat. Mr. Gulickx heeft de toevoeg...
in het incident 3.1. De rechtbank acht zich bevoegd om van de onderhavige vordering kennis te nemen. De grondslag van de vordering is immers enkel onverschuldigde bet...
4.1. De kantonrechter constateert allereerst dat [gedaagde] persoonlijk is gedagvaard en niet als een trust of rechtspersoon, aangezien hij een natuurlijke persoon is. Natuurlijke personen kunne...
gaan op de argumenten van partijen betreffende de matiging. Verdere verloop van de procedure 4.12. Artikel 2:16 lid 8 BW s...
7.1 In het tussenarrest van 28 juni 2016 heeft het hof [appellant] toegelaten te bewijzen dat tussen 6 juni 2013, 13.30 uur en 7 juni 2013, 16.05 uur stelcon platen van het registergoed zijn ver...
3.1. De kantonrechter stelt vast dat sprake is van contractovername. Hierbij heeft [gedaagde] de verplichting om [eiser] in zijn plaats te stellen, waarbij [gedaagde] [eiser] in de positie moet ...
4.1. De strekking van artikel 4:194a BW is dat dit artikel alleen bescherming biedt voor schulden die de erfgenamen niet kenden en evenmin behoorden te kennen op het moment dat zij de nalatensch...
4.1. Het verzoek dat de rechtbank een voorlopig getuigenverhoor zal bevelen, is op de wet gegrond en zal worden toegewezen. 4.2. Vryleve verzoekt om als getuige te m...
4.1. De rechtbank stelt voorop dat, zoals ook door partijen is onderkend, een verzoek om aanhouding ook bij wege van incident kan worden gedaan. Voorts stelt de rechtbank voorop dat de vraag of ...