BWBV0003748
Geldig vanaf 30-11-1977
Artikel 3
Luchtvaartovereenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Federatieve Republiek Brazilië
1. Teneinde bevoorrechting te voorkomen, en gelijkheid van behandeling te verzekeren, wordt overeengekomen dat:
I. De heffingen en andere rechten die ieder van de Overeenkomstsluitende Partijen aan de aangewezen luchtvaartmaatschappij van de andere Overeenkomstsluitende Partij oplegt of doet opleggen voor het gebruik van luchthavens en andere faciliteiten, zullen niet hoger zijn dan de heffingen en rechten welke door haar eigen, op soortgelijke internationale diensten gebezigde luchtvaartuigen worden betaald voor het gebruik van bedoelde luchthavens en faciliteiten.
II. De motorbrandstoffen, smeeroliën, normale uitrustingsstukken, boordproviand en reservedelen, ingevoerd binnen het grondgebied van een Overeenkomstsluitende Partij of op dit grondgebied ingeladen in luchtvaartuigen van de andere Overeenkomstsluitende Partij, hetzij rechtstreeks door een luchtvaartmaatschappij aangewezen door de laatstbedoelde Overeenkomstsluitende Partij, hetzij voor rekening van bedoelde luchtvaartmaatschappij en uitsluitend bestemd voor het gebruik door haar eigen luchtvaartuigen op de overeengekomen luchtdiensten, genieten een zelfde behandeling als de nationale luchtvaartmaatschappijen die internationaal vervoer verrichten, voor zover het betreft de heffing van douanerechten, inspectie-kosten en/of andere nationale rechten en belastingen.
III. De luchtvaartuigen van een van de Overeenkomstsluitende Partijen gebezigd bij de exploitatie van de overeengekomen luchtdiensten, en motorbrandstoffen, smeeroliën, normale uitrustingsstukken en reservedelen voor onderhoud en herstel van de luchtvaartuigen, evenals de boordvoorraden met inbegrip van voedsel, drank en tabak, welke aan boord blijven, zijn vrijgesteld van douanerechten, inspectiekosten en soortgelijke rechten of kosten op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij, zelfs indien zij worden verbruikt of geconsumeerd bij vluchten boven dat grondgebied.
2. De in het vorige lid vermelde goederen, die de daarin bedoelde vrijstelling genieten, mogen niet uit het luchtvaartuig worden geladen binnen het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij zonder toestemming van diens douane-autoriteiten en zullen, indien zij niet door de luchtvaartmaatschappijen zelf worden gebruikt, onderworpen zijn aan het toezicht van die autoriteiten.
3. Passagiers, bagage en vracht in transito-verkeer via het grondgebied van een der Overeenkomstsluitende Partijen, die het daarvoor bestemde gebied van de luchthaven niet verlaten, worden, behoudens met betrekking tot veiligheidsmaatregelen voor het veiligstellen van de Internationale Burgerluchtvaart, ten hoogste onderworpen aan de voor dat gebied geldende controle. Bagage en vracht in direct transito-verkeer zijn vrijgesteld van douane-rechten, heffingen en rechten.
I. De heffingen en andere rechten die ieder van de Overeenkomstsluitende Partijen aan de aangewezen luchtvaartmaatschappij van de andere Overeenkomstsluitende Partij oplegt of doet opleggen voor het gebruik van luchthavens en andere faciliteiten, zullen niet hoger zijn dan de heffingen en rechten welke door haar eigen, op soortgelijke internationale diensten gebezigde luchtvaartuigen worden betaald voor het gebruik van bedoelde luchthavens en faciliteiten.
II. De motorbrandstoffen, smeeroliën, normale uitrustingsstukken, boordproviand en reservedelen, ingevoerd binnen het grondgebied van een Overeenkomstsluitende Partij of op dit grondgebied ingeladen in luchtvaartuigen van de andere Overeenkomstsluitende Partij, hetzij rechtstreeks door een luchtvaartmaatschappij aangewezen door de laatstbedoelde Overeenkomstsluitende Partij, hetzij voor rekening van bedoelde luchtvaartmaatschappij en uitsluitend bestemd voor het gebruik door haar eigen luchtvaartuigen op de overeengekomen luchtdiensten, genieten een zelfde behandeling als de nationale luchtvaartmaatschappijen die internationaal vervoer verrichten, voor zover het betreft de heffing van douanerechten, inspectie-kosten en/of andere nationale rechten en belastingen.
III. De luchtvaartuigen van een van de Overeenkomstsluitende Partijen gebezigd bij de exploitatie van de overeengekomen luchtdiensten, en motorbrandstoffen, smeeroliën, normale uitrustingsstukken en reservedelen voor onderhoud en herstel van de luchtvaartuigen, evenals de boordvoorraden met inbegrip van voedsel, drank en tabak, welke aan boord blijven, zijn vrijgesteld van douanerechten, inspectiekosten en soortgelijke rechten of kosten op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij, zelfs indien zij worden verbruikt of geconsumeerd bij vluchten boven dat grondgebied.
2. De in het vorige lid vermelde goederen, die de daarin bedoelde vrijstelling genieten, mogen niet uit het luchtvaartuig worden geladen binnen het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij zonder toestemming van diens douane-autoriteiten en zullen, indien zij niet door de luchtvaartmaatschappijen zelf worden gebruikt, onderworpen zijn aan het toezicht van die autoriteiten.
3. Passagiers, bagage en vracht in transito-verkeer via het grondgebied van een der Overeenkomstsluitende Partijen, die het daarvoor bestemde gebied van de luchthaven niet verlaten, worden, behoudens met betrekking tot veiligheidsmaatregelen voor het veiligstellen van de Internationale Burgerluchtvaart, ten hoogste onderworpen aan de voor dat gebied geldende controle. Bagage en vracht in direct transito-verkeer zijn vrijgesteld van douane-rechten, heffingen en rechten.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0003748
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl