BWBV0001985
Geldig vanaf 06-06-2010
Artikel 11
Overeenkomst tot oprichting van het Europees Centrum voor weersvoorspellingen op middellange termijn
1. Het werkprogramma van het Centrum wordt op voorstel van de Directeur-Generaal vastgesteld door de Raad, die besluit overeenkomstig Artikel 6(2)(c).
Het programma bestrijkt in beginsel een tijdvak van vier jaar en moet jaarlijks worden aangepast en aangevuld voor een aanvullende periode van een jaar. In het programma wordt het maximum van de uitgaven voor de gehele looptijd van het programma vastgesteld; voorts bevat het een raming per jaar en in hoofdgroepen van de met de uitvoering gemoeide uitgaven.
Dit maximum der uitgaven kan slechts volgens de procedure van Artikel 6(2)(c) worden gewijzigd.
2. Het beleid op lange termijn wordt opgesteld op tijden en voor de duur als besloten door de Raad. De opstelling ervan wordt minstens elke vijf jaar in beschouwing genomen door de Raad. Het beleid op lange termijn bevat een overzicht van de strategische doeleinden van het Centrum en geeft de voorziene richting aan voor de ontwikkeling van het werk van het Centrum voor de duur van het beleid.
Het beleid wordt goedgekeurd door de Raad handelend op een voorstel van de Directeur-Generaal overeenkomstig Artikel 6(3)(o).
3. Een Optioneel Programma is een programma voorgesteld door een Lidstaat of groep Lidstaten waaraan alle Lidstaten deelnemen behalve die Staten die zich formeel niet deelnemende Staten verklaren en dat bijdraagt aan de doelen en doelstellingen van het Centrum overeenkomstig Artikel 2(1) en 2(2).
a. De procedure voor Optionele Programma’s wordt goedgekeurd door de Raad overeenkomstig Artikel 6(2)(e).
b. Individuele Optionele Programma’s worden goedgekeurd door de Raad overeenkomstig Artikel 6(2)(f).
Het programma bestrijkt in beginsel een tijdvak van vier jaar en moet jaarlijks worden aangepast en aangevuld voor een aanvullende periode van een jaar. In het programma wordt het maximum van de uitgaven voor de gehele looptijd van het programma vastgesteld; voorts bevat het een raming per jaar en in hoofdgroepen van de met de uitvoering gemoeide uitgaven.
Dit maximum der uitgaven kan slechts volgens de procedure van Artikel 6(2)(c) worden gewijzigd.
2. Het beleid op lange termijn wordt opgesteld op tijden en voor de duur als besloten door de Raad. De opstelling ervan wordt minstens elke vijf jaar in beschouwing genomen door de Raad. Het beleid op lange termijn bevat een overzicht van de strategische doeleinden van het Centrum en geeft de voorziene richting aan voor de ontwikkeling van het werk van het Centrum voor de duur van het beleid.
Het beleid wordt goedgekeurd door de Raad handelend op een voorstel van de Directeur-Generaal overeenkomstig Artikel 6(3)(o).
3. Een Optioneel Programma is een programma voorgesteld door een Lidstaat of groep Lidstaten waaraan alle Lidstaten deelnemen behalve die Staten die zich formeel niet deelnemende Staten verklaren en dat bijdraagt aan de doelen en doelstellingen van het Centrum overeenkomstig Artikel 2(1) en 2(2).
a. De procedure voor Optionele Programma’s wordt goedgekeurd door de Raad overeenkomstig Artikel 6(2)(e).
b. Individuele Optionele Programma’s worden goedgekeurd door de Raad overeenkomstig Artikel 6(2)(f).
- Wet
- Overeenkomst tot oprichting van het Europees Centrum voor weersvoorspellingen op middellange termijn
- Citeren als
- Art. 11
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0001985
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl