BWBV0001477
Artikel 25
Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Federatieve Republiek Brazilië
1. De voorafgaand aan de inwerkingtreding van dit Verdrag vervulde verzekeringstijdvakken worden in aanmerking genomen ten behoeve van de vaststelling van rechten die voortvloeien uit dit Verdrag, mits de rechthebbende ten tijde van de inwerkingtreding van dit Verdrag verzekerd is krachtens de socialezekerheidswetgeving van een van de Verdragsluitende Partijen.
2. Het in dit artikel bepaalde is niet van invloed op de uitvoering van de bepalingen inzake beperkingen en het verlopen van rechten welke van kracht zijn in elke Verdragsluitende Partij.
3. De uitvoering van dit Verdrag voorziet in de betaling inzake gebeurtenissen die zich voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding hiervan hebben voorgedaan, mits de rechthebbende vanaf de inwerkingtreding hiervan onder de socialezekerheidswetgeving van een van de Verdragsluitende Partijen valt. De betalingen vangen echter aan vanaf het verzoek, tenzij de nationale wetgeving van de Verdragsluitende Partijen anders voorziet.
4. De rechten die voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag zijn verworven, kunnen op verzoek van de Verdragsluitende Partijen worden herzien, evenwel zonder terugwerkende kracht. Deze herziening wordt toegepast binnen de maximale termijn van twee jaar vanaf de inwerkingtreding van dit Verdrag.
5. Betaalde uitkeringen ineens zijn niet onderworpen aan herziening.
2. Het in dit artikel bepaalde is niet van invloed op de uitvoering van de bepalingen inzake beperkingen en het verlopen van rechten welke van kracht zijn in elke Verdragsluitende Partij.
3. De uitvoering van dit Verdrag voorziet in de betaling inzake gebeurtenissen die zich voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding hiervan hebben voorgedaan, mits de rechthebbende vanaf de inwerkingtreding hiervan onder de socialezekerheidswetgeving van een van de Verdragsluitende Partijen valt. De betalingen vangen echter aan vanaf het verzoek, tenzij de nationale wetgeving van de Verdragsluitende Partijen anders voorziet.
4. De rechten die voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag zijn verworven, kunnen op verzoek van de Verdragsluitende Partijen worden herzien, evenwel zonder terugwerkende kracht. Deze herziening wordt toegepast binnen de maximale termijn van twee jaar vanaf de inwerkingtreding van dit Verdrag.
5. Betaalde uitkeringen ineens zijn niet onderworpen aan herziening.
- Citeren als
- Art. 25
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0001477
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl