BWBV0001474
Geldig vanaf 17-10-2002
Artikel 3
Protocol, opgesteld op grond van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, betreffende de prejudiciële uitlegging, door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, van de Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen
1. Het Protocol betreffende het Statuut van het Hof van Justitie, en het reglement voor de procesvoering van het Hof zijn van toepassing.
2. Overeenkomstig het Statuut van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen heeft elke Lid-Staat, ongeacht of deze een verklaring in de zin van artikel 2 heeft afgelegd, het recht memoriën of schriftelijke opmerkingen aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen voor te leggen in zaken die uit hoofde van artikel 1 aanhangig gemaakt worden.
2. Overeenkomstig het Statuut van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen heeft elke Lid-Staat, ongeacht of deze een verklaring in de zin van artikel 2 heeft afgelegd, het recht memoriën of schriftelijke opmerkingen aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen voor te leggen in zaken die uit hoofde van artikel 1 aanhangig gemaakt worden.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0001474
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl