BWBR0052142
Geldig vanaf 14-01-2026
Artikel 8
Instellingsbesluit evaluatiecommissie Onderlinge regeling
1. De voorzitter en leden ontvangen een vergoeding per vergadering, met een maximum van één vergadering per dag. De vergoeding per vergadering bedraagt maximaal 3% van het maximum van salarisschaal 18, trede 10, zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst die is gesloten voor de ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Nederlandse Staat werkzaam zijn. Voor de voorzitter kan een verhoging van dat bedrag worden toegepast tot maximaal 130%.
2. De voorzitter en de leden ontvangen een vergoeding van reis- en verblijfskosten op voet van de regeling van het land dat hen voorgedragen heeft. Dit betreft uitsluitend de reis- en verblijfskosten voor noodzakelijk bezoek dat past binnen de vastgestelde werkzaamheden van de evaluatiecommissie en voor zover goedgekeurd door de ministers.
3. In afwijking van artikel 10, zesde lid, van de Onderlinge regeling samenwerking bij hervormingen komt de bekostiging van de voorzitter en de secretaris ten laste van de begroting van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; de bekostiging van de leden en hun eventuele ondersteuning komt ten laste van de begrotingen van de Ministeries van Algemene Zaken en het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties die het lid voordragen.
2. De voorzitter en de leden ontvangen een vergoeding van reis- en verblijfskosten op voet van de regeling van het land dat hen voorgedragen heeft. Dit betreft uitsluitend de reis- en verblijfskosten voor noodzakelijk bezoek dat past binnen de vastgestelde werkzaamheden van de evaluatiecommissie en voor zover goedgekeurd door de ministers.
3. In afwijking van artikel 10, zesde lid, van de Onderlinge regeling samenwerking bij hervormingen komt de bekostiging van de voorzitter en de secretaris ten laste van de begroting van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; de bekostiging van de leden en hun eventuele ondersteuning komt ten laste van de begrotingen van de Ministeries van Algemene Zaken en het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties die het lid voordragen.
- Citeren als
- Art. 8
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0052142
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl