Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
acuut onveilige situatie: een situatie in het mijnbouwschadegebied, waarin als gevolg van de bouwkundige staat van een woning een acuut gevaar bestaat voor de gezondheid of veiligheid van personen;
bouwdepot: bedrag dat door een door de minister aangewezen partij wordt beheerd, waaruit namens de minister betalingen worden gedaan voor werkzaamheden ten behoeve van herstelmaatregelen die in opdracht van de aanvrager zijn getroffen;
Instellingsbesluit:Instellingsbesluit Commissie Mijnbouwschade;
kleine mijnbouwschade: mijnbouwschade waarvan de hoogte is vastgesteld op een bedrag tot € 10.000,–;
Limburg kamer van de Commissie Mijnbouwschade: de Limburg kamer van de Commissie Mijnbouwschade, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, van het Instellingsbesluit;
mijnbouwonderneming: exploitant van een mijnbouwwerk;
mijnbouwschade: a. fysieke schade aan woningen waarvan voldoende aannemelijk is dat deze het gevolg is van bodembeweging door de aanleg of exploitatie van een mijnbouwwerk ten behoeve van steenkoolwinning; en
b. materiële schade die het directe gevolg is van de in onderdeel a bedoelde fysieke schade of het herstel daarvan, met in achtneming van bijlage 2 bij het Instellingsbesluit;
a. fysieke schade aan woningen waarvan voldoende aannemelijk is dat deze het gevolg is van bodembeweging door de aanleg of exploitatie van een mijnbouwwerk ten behoeve van steenkoolwinning; en
b. materiële schade die het directe gevolg is van de in onderdeel a bedoelde fysieke schade of het herstel daarvan, met in achtneming van bijlage 2 bij het Instellingsbesluit;
mijnbouwschadegebied: gebied als bedoeld in bijlage 1;
minister: Minister van Klimaat en Groene Groei;
middelgrote mijnbouwschade: mijnbouwschade waarvan de hoogte is vastgesteld op een bedrag van € 10.000,– tot en met € 20.000,–;
woning: woning als bedoeld in artikel 1, derde lid, van de Woningwet die door de eigenaar gebruikt wordt als hoofdwoning en de onlosmakelijk met de hoofdwoning verbonden bijbehorende bijgebouwen, mede omvattend, indien de woning deel uitmaakt van een gebouw beheerd door een vereniging van eigenaren of een daarmee vergelijkbare rechtsvorm, het relevante aandeel van de eigenaar in de gemeenschappelijke delen van het gebouw;
zware mijnbouwschade: mijnbouwschade waarvan de hoogte is vastgesteld op een bedrag hoger dan € 20.000,– of een acuut onveilige situatie;
acuut onveilige situatie: een situatie in het mijnbouwschadegebied, waarin als gevolg van de bouwkundige staat van een woning een acuut gevaar bestaat voor de gezondheid of veiligheid van personen;
bouwdepot: bedrag dat door een door de minister aangewezen partij wordt beheerd, waaruit namens de minister betalingen worden gedaan voor werkzaamheden ten behoeve van herstelmaatregelen die in opdracht van de aanvrager zijn getroffen;
Instellingsbesluit:Instellingsbesluit Commissie Mijnbouwschade;
kleine mijnbouwschade: mijnbouwschade waarvan de hoogte is vastgesteld op een bedrag tot € 10.000,–;
Limburg kamer van de Commissie Mijnbouwschade: de Limburg kamer van de Commissie Mijnbouwschade, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, van het Instellingsbesluit;
mijnbouwonderneming: exploitant van een mijnbouwwerk;
mijnbouwschade: a. fysieke schade aan woningen waarvan voldoende aannemelijk is dat deze het gevolg is van bodembeweging door de aanleg of exploitatie van een mijnbouwwerk ten behoeve van steenkoolwinning; en
b. materiële schade die het directe gevolg is van de in onderdeel a bedoelde fysieke schade of het herstel daarvan, met in achtneming van bijlage 2 bij het Instellingsbesluit;
a. fysieke schade aan woningen waarvan voldoende aannemelijk is dat deze het gevolg is van bodembeweging door de aanleg of exploitatie van een mijnbouwwerk ten behoeve van steenkoolwinning; en
b. materiële schade die het directe gevolg is van de in onderdeel a bedoelde fysieke schade of het herstel daarvan, met in achtneming van bijlage 2 bij het Instellingsbesluit;
mijnbouwschadegebied: gebied als bedoeld in bijlage 1;
minister: Minister van Klimaat en Groene Groei;
middelgrote mijnbouwschade: mijnbouwschade waarvan de hoogte is vastgesteld op een bedrag van € 10.000,– tot en met € 20.000,–;
woning: woning als bedoeld in artikel 1, derde lid, van de Woningwet die door de eigenaar gebruikt wordt als hoofdwoning en de onlosmakelijk met de hoofdwoning verbonden bijbehorende bijgebouwen, mede omvattend, indien de woning deel uitmaakt van een gebouw beheerd door een vereniging van eigenaren of een daarmee vergelijkbare rechtsvorm, het relevante aandeel van de eigenaar in de gemeenschappelijke delen van het gebouw;
zware mijnbouwschade: mijnbouwschade waarvan de hoogte is vastgesteld op een bedrag hoger dan € 20.000,– of een acuut onveilige situatie;