BWBR0051547
Geldig vanaf 01-01-2026
Artikel 7
Regeling financieel beheer van het Rijk 2026
1. De betaalmiddelen waarmee namens de Staat op krediet kan worden betaald kunnen uitsluitend worden gebruikt door:
a. de Ministers en de colleges;
b. de onder de Ministers en de colleges ressorterende natuurlijke personen die rijksambtenaar zijn met dien verstande dat het gebruik voor deze personen is beperkt tot: 1°. de aanschaf van producten en diensten die niet op een andere wijze kunnen worden betaald;
2°. het verrichten van betalingen in het buitenland die verband houden met de werkzaamheden die zij namens het ministerie uitvoeren;
3°. andere betalingen waarvan het naar het oordeel van de directeur FEZ van het betrokken ministerie geoorloofd is om die op deze wijze te verrichten.
1°. de aanschaf van producten en diensten die niet op een andere wijze kunnen worden betaald;
2°. het verrichten van betalingen in het buitenland die verband houden met de werkzaamheden die zij namens het ministerie uitvoeren;
3°. andere betalingen waarvan het naar het oordeel van de directeur FEZ van het betrokken ministerie geoorloofd is om die op deze wijze te verrichten.
2. De directeur FEZ van het betrokken ministerie kan voorwaarden verbinden aan het gebruik van de betaalmiddelen waarmee op krediet kan worden betaald.
a. de Ministers en de colleges;
b. de onder de Ministers en de colleges ressorterende natuurlijke personen die rijksambtenaar zijn met dien verstande dat het gebruik voor deze personen is beperkt tot: 1°. de aanschaf van producten en diensten die niet op een andere wijze kunnen worden betaald;
2°. het verrichten van betalingen in het buitenland die verband houden met de werkzaamheden die zij namens het ministerie uitvoeren;
3°. andere betalingen waarvan het naar het oordeel van de directeur FEZ van het betrokken ministerie geoorloofd is om die op deze wijze te verrichten.
1°. de aanschaf van producten en diensten die niet op een andere wijze kunnen worden betaald;
2°. het verrichten van betalingen in het buitenland die verband houden met de werkzaamheden die zij namens het ministerie uitvoeren;
3°. andere betalingen waarvan het naar het oordeel van de directeur FEZ van het betrokken ministerie geoorloofd is om die op deze wijze te verrichten.
2. De directeur FEZ van het betrokken ministerie kan voorwaarden verbinden aan het gebruik van de betaalmiddelen waarmee op krediet kan worden betaald.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0051547
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl