BWBR0051330
Geldig vanaf 2025-07-30
Artikel 3
Beleidsregel benoemingsprocedure Huis voor klokkenluiders
1. Het bureau stelt een voorselectie op van geschikte kandidaten voor de vacature.
2. Voor de selectie van een geschikte kandidaat wordt een selectiecommissie ingesteld. De selectiecommissie bestaat uit de volgende leden:
a. de secretaris generaal of een plaatsvervanger van het ministerie (tevens voorzitter);
b. de directeur-generaal of een plaatsvervanger van het ministerie;
c. de voorzitter of een plaatsvervanger van het Huis;
d. de directeur of een plaatsvervanger van het Huis;
e. een onafhankelijke derde.
3. De kandidaten worden tijdens en na afloop van de selectieprocedure adequaat geïnformeerd over de stand van zaken van de procedure.
4. De voorzitter van de selectiecommissie draagt voor de functie een voorkeurskandidaat voor.
5. Tussen de voorkeurskandidaat en een afvaardiging van het personeel van het Huis vindt een draagvlakgesprek plaats.
6. Als het draagvlakgesprek tot een positief oordeel heeft geleid bij beide partijen, verzoekt de minister aan de commissie incompatibiliteiten om ten aanzien van de voorkeurskandidaat voor de functie een advies uit te brengen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, van het Instellingsbesluit. De voorzitter van de selectiecommissie kan dit verzoek ook namens de minister doen.
7. Na ontvangst van het advies van de commissie incompatibiliteiten, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, van het Instellingsbesluit, vindt door de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst een veiligheidsonderzoek plaats.
8. Na ontvangst van een Verklaring van Geen Bezwaar, vindt een gesprek plaats tussen de voorkeurskandidaat en de minister.
2. Voor de selectie van een geschikte kandidaat wordt een selectiecommissie ingesteld. De selectiecommissie bestaat uit de volgende leden:
a. de secretaris generaal of een plaatsvervanger van het ministerie (tevens voorzitter);
b. de directeur-generaal of een plaatsvervanger van het ministerie;
c. de voorzitter of een plaatsvervanger van het Huis;
d. de directeur of een plaatsvervanger van het Huis;
e. een onafhankelijke derde.
3. De kandidaten worden tijdens en na afloop van de selectieprocedure adequaat geïnformeerd over de stand van zaken van de procedure.
4. De voorzitter van de selectiecommissie draagt voor de functie een voorkeurskandidaat voor.
5. Tussen de voorkeurskandidaat en een afvaardiging van het personeel van het Huis vindt een draagvlakgesprek plaats.
6. Als het draagvlakgesprek tot een positief oordeel heeft geleid bij beide partijen, verzoekt de minister aan de commissie incompatibiliteiten om ten aanzien van de voorkeurskandidaat voor de functie een advies uit te brengen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, van het Instellingsbesluit. De voorzitter van de selectiecommissie kan dit verzoek ook namens de minister doen.
7. Na ontvangst van het advies van de commissie incompatibiliteiten, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, van het Instellingsbesluit, vindt door de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst een veiligheidsonderzoek plaats.
8. Na ontvangst van een Verklaring van Geen Bezwaar, vindt een gesprek plaats tussen de voorkeurskandidaat en de minister.