BWBR0051194
Geldig vanaf 2025-10-04
Artikel 11
Subsidieregeling Borgstelling MKB-kredieten Aruba, Curaçao en Sint Maarten
1. De omvang van de borgstelling bedraagt per MKB-ondernemer 90 procent van hetgeen de MKB-ondernemer ten tijde van het overeenkomstig artikel 10 ingediende verzoek uit hoofde van het bedrijfsborgstellingskrediet of de bedrijfsborgstellingskredieten pro resto verschuldigd is, doch
a. ten hoogste 90 procent van de met toepassing van de artikelen 7, 8, en 9 berekende omvang van het bedrijfsborgstellingskrediet of de bedrijfsborgstellingskredieten, en
b. ten hoogste de som van de ten tijde van de opzegging van de kredietovereenkomst bestaande en verstrekte financieringsfaciliteiten van de kredietverstrekker voor de MKB-ondernemer.
2. In afwijking van het eerste lid, onder b, bedraagt de omvang van de borgstelling:
a. indien sprake is van een starters-borgstellingskrediet: ten hoogste drie maal de som van de ten tijde van de opzegging van de kredietovereenkomst bestaande en verstrekte financieringsfaciliteiten van de kredietverstrekker voor de MKB-ondernemer;
b. ten hoogste drie maal de som van de ten tijde van de opzegging van de kredietovereenkomst bestaande en verstrekte financieringsfaciliteiten van de kredietverstrekker voor de MKB-ondernemer indien sprake is van een bedrijfsborgstellingskrediet als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel j, subonderdeel 2°;
3. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid worden als financieringsfaciliteiten mede in aanmerking genomen:
a. de bedragen die een kredietverstrekker-gelieerde uit hoofde van een overeenkomst aan de MKB-ondernemer ter leen verstrekt of zal verstrekken, en
b. de verplichtingen die een kredietverstrekker-gelieerde tegenover een derde, niet zijnde een andere kredietverstrekker-gelieerde of een rechtspersoon waarmee de kredietverstrekker in een groep verbonden is, onherroepelijk is aangegaan om ten laste van de MKB-ondernemer aan de derde een of meer betalingen te doen als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel f, 3°, indien de zekerheden van de kredietverstrekker-gelieerde ter zake van de in dit lid bedoelde bedragen en verplichtingen mede strekken tot zekerheid van de kredietverstrekker.
a. ten hoogste 90 procent van de met toepassing van de artikelen 7, 8, en 9 berekende omvang van het bedrijfsborgstellingskrediet of de bedrijfsborgstellingskredieten, en
b. ten hoogste de som van de ten tijde van de opzegging van de kredietovereenkomst bestaande en verstrekte financieringsfaciliteiten van de kredietverstrekker voor de MKB-ondernemer.
2. In afwijking van het eerste lid, onder b, bedraagt de omvang van de borgstelling:
a. indien sprake is van een starters-borgstellingskrediet: ten hoogste drie maal de som van de ten tijde van de opzegging van de kredietovereenkomst bestaande en verstrekte financieringsfaciliteiten van de kredietverstrekker voor de MKB-ondernemer;
b. ten hoogste drie maal de som van de ten tijde van de opzegging van de kredietovereenkomst bestaande en verstrekte financieringsfaciliteiten van de kredietverstrekker voor de MKB-ondernemer indien sprake is van een bedrijfsborgstellingskrediet als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel j, subonderdeel 2°;
3. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid worden als financieringsfaciliteiten mede in aanmerking genomen:
a. de bedragen die een kredietverstrekker-gelieerde uit hoofde van een overeenkomst aan de MKB-ondernemer ter leen verstrekt of zal verstrekken, en
b. de verplichtingen die een kredietverstrekker-gelieerde tegenover een derde, niet zijnde een andere kredietverstrekker-gelieerde of een rechtspersoon waarmee de kredietverstrekker in een groep verbonden is, onherroepelijk is aangegaan om ten laste van de MKB-ondernemer aan de derde een of meer betalingen te doen als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel f, 3°, indien de zekerheden van de kredietverstrekker-gelieerde ter zake van de in dit lid bedoelde bedragen en verplichtingen mede strekken tot zekerheid van de kredietverstrekker.