BWBR0051164
Geldig vanaf 2025-07-02
Artikel 3
Instellingsbesluit externe begeleidingscommissie Onderzoek hersteloperatie toeslagen
1. De begeleidingscommissie bestaat uit een voorzitter en ten minste vier leden.
2. De voorzitter en de andere leden hebben zitting op persoonlijke titel en oefenen hun functie onafhankelijk (en zonder beïnvloeding van derden) uit.
3. De voorzitter en overige leden worden door de Staatssecretaris benoemd.
4. De benoeming geschiedt op grond van relevante expertise voor de duur van het Onderzoek.
5. De voorzitter en de andere leden kunnen op eigen verzoek, wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden worden geschorst en ontslagen door de Staatssecretaris.
6. Bij tussentijds vertrek van de voorzitter of een lid kan de Staatssecretaris een andere voorzitter of lid benoemen.
7. De voorzitter en de andere leden maken geen deel uit van het ministerie, zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van de minister, zijn geen lid van de commissie, genoemd in artikel 3, eerste lid, van de Instellingsregeling Commissie van onafhankelijke deskundigen hersteloperatie toeslagen, of de commissie, genoemd in artikel 3, eerste lid, van de Instellingsregeling Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen, en zijn geen lid geweest van deze commissies. Evenmin zijn zij gelijktijdig werkzaam in een andere rol voor het ministerie noch voor een daaronder ressorterende instelling, dienst, uitvoeringsorganisatie of bedrijf. De voorzitter en de andere leden zijn niet tevens medewerker van het secretariaat of adviseur van de commissie.
8. Het door de voorzitter of een lid niet voldoen aan het tweede of zevende lid vormt een zwaarwegende grond als bedoeld in het vijfde lid.
2. De voorzitter en de andere leden hebben zitting op persoonlijke titel en oefenen hun functie onafhankelijk (en zonder beïnvloeding van derden) uit.
3. De voorzitter en overige leden worden door de Staatssecretaris benoemd.
4. De benoeming geschiedt op grond van relevante expertise voor de duur van het Onderzoek.
5. De voorzitter en de andere leden kunnen op eigen verzoek, wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden worden geschorst en ontslagen door de Staatssecretaris.
6. Bij tussentijds vertrek van de voorzitter of een lid kan de Staatssecretaris een andere voorzitter of lid benoemen.
7. De voorzitter en de andere leden maken geen deel uit van het ministerie, zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van de minister, zijn geen lid van de commissie, genoemd in artikel 3, eerste lid, van de Instellingsregeling Commissie van onafhankelijke deskundigen hersteloperatie toeslagen, of de commissie, genoemd in artikel 3, eerste lid, van de Instellingsregeling Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen, en zijn geen lid geweest van deze commissies. Evenmin zijn zij gelijktijdig werkzaam in een andere rol voor het ministerie noch voor een daaronder ressorterende instelling, dienst, uitvoeringsorganisatie of bedrijf. De voorzitter en de andere leden zijn niet tevens medewerker van het secretariaat of adviseur van de commissie.
8. Het door de voorzitter of een lid niet voldoen aan het tweede of zevende lid vormt een zwaarwegende grond als bedoeld in het vijfde lid.