BWBR0051150
Geldig vanaf 2025-06-28
Artikel 4
Subsidieregeling Inrichten Opleidingsstructuur helpenden, verzorgenden en verpleegkundigen
1. Een samenwerkingsverband bestaat uit ten minste:
a. twee zorgaanbieders, of één zorgaanbieder en één welzijnsaanbieder; en
b. een onderwijsinstelling die een opleiding verzorgt, blijkens de Registratie instellingen en opleidingen.
2. De penvoerder is een zorg- of welzijnsaanbieder binnen het samenwerkingsverband.
3. De penvoerder treedt op als subsidieaanvrager namens een samenwerkingsverband en is verantwoordelijk voor het indienen van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie.
4. Subsidie kan enkel worden verstrekt indien de penvoerder en ten minste een andere zorg- of welzijnsaanbieder beschikt over een toelatingsvergunning en AGB-code.
5. In afwijking van het eerste en vierde lid, kan subsidie worden verstrekt indien naar het oordeel van de minister op de in artikel 11, zesde lid, aangegeven wijze is aangetoond dat het samenwerkingsverband bestaat uit ten minste twee zorgaanbieders of één welzijnsaanbieder en één zorgaanbieder, waaronder de penvoerder.
6. Indien de penvoerder mbo-leerlingen begeleidt, kan subsidie enkel worden verstrekt indien het een erkend leerbedrijf betreft.
a. twee zorgaanbieders, of één zorgaanbieder en één welzijnsaanbieder; en
b. een onderwijsinstelling die een opleiding verzorgt, blijkens de Registratie instellingen en opleidingen.
2. De penvoerder is een zorg- of welzijnsaanbieder binnen het samenwerkingsverband.
3. De penvoerder treedt op als subsidieaanvrager namens een samenwerkingsverband en is verantwoordelijk voor het indienen van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie.
4. Subsidie kan enkel worden verstrekt indien de penvoerder en ten minste een andere zorg- of welzijnsaanbieder beschikt over een toelatingsvergunning en AGB-code.
5. In afwijking van het eerste en vierde lid, kan subsidie worden verstrekt indien naar het oordeel van de minister op de in artikel 11, zesde lid, aangegeven wijze is aangetoond dat het samenwerkingsverband bestaat uit ten minste twee zorgaanbieders of één welzijnsaanbieder en één zorgaanbieder, waaronder de penvoerder.
6. Indien de penvoerder mbo-leerlingen begeleidt, kan subsidie enkel worden verstrekt indien het een erkend leerbedrijf betreft.