BWBR0050584
Geldig vanaf 2024-12-31
Artikel 5
Uitvoeringsbesluit minimumbelasting 2024
1. Voor de toepassing van artikel 7.3, vijfde lid, onderdeel e, van de wetwordt een belastinglatentie aangemerkt als alternatieve verliesverrekeningslatentie, indien:
a. de belastingwetgeving van een staat vereist dat positief buitenlands inkomen wordt verrekend met negatief binnenlands inkomen, voordat verrekening wordt verleend voor buitenlandse belasting die is geheven over het betreffende buitenlands inkomen;
b. de groepsentiteit negatief binnenlands inkomen heeft dat geheel of gedeeltelijk wordt verrekend met positief buitenlands inkomen; en
c. onder toepassing van de belastingwetgeving van die staat buitenlandse belasting in een volgend verslagjaar kan worden verrekend met binnenlandse belasting ter zake van inkomen dat is opgenomen in de berekening van het kwalificerende inkomen of verlies van de groepsentiteit.
2. Een alternatieve verliesverrekeningslatentie, bedoeld in het eerste lid, is gelijk aan het laagste van:
a. het bedrag aan nog te verrekenen buitenlandse belasting ter zake van buitenlands inkomen dat volgens de belastingwetgeving van die staat kan worden voortgewenteld van het verslagjaar waarin de groepsentiteit een negatief binnenlands inkomen heeft, zonder rekening te houden met positief buitenlands inkomen, naar een volgend verslagjaar; en
b. het bedrag aan negatief binnenlands inkomen van de groepsentiteit over het verslagjaar, zonder rekening te houden met positief buitenlands inkomen, vermenigvuldigd met het van toepassing zijnde binnenlandse belastingtarief.
3. Een alternatieve verliesverrekeningslatentie, zoals bepaald in het tweede lid, wordt in aanmerking genomen tegen het minimumbelastingtarief of, indien dit lager is, het van toepassing zijnde belastingtarief waartegen de actieve belastinglatentie in de financiële verslaggeving is opgenomen.
4. Een alternatieve verliesverrekeningslatentie wordt niet begrepen in het totale bedrag van de gecorrigeerde mutaties in belastinglatenties, voor zover deze latentie betrekking heeft op bedragen die op grond van artikel 7.3, vijfde lid, onderdeel a, van de wetzijn uitgesloten.
a. de belastingwetgeving van een staat vereist dat positief buitenlands inkomen wordt verrekend met negatief binnenlands inkomen, voordat verrekening wordt verleend voor buitenlandse belasting die is geheven over het betreffende buitenlands inkomen;
b. de groepsentiteit negatief binnenlands inkomen heeft dat geheel of gedeeltelijk wordt verrekend met positief buitenlands inkomen; en
c. onder toepassing van de belastingwetgeving van die staat buitenlandse belasting in een volgend verslagjaar kan worden verrekend met binnenlandse belasting ter zake van inkomen dat is opgenomen in de berekening van het kwalificerende inkomen of verlies van de groepsentiteit.
2. Een alternatieve verliesverrekeningslatentie, bedoeld in het eerste lid, is gelijk aan het laagste van:
a. het bedrag aan nog te verrekenen buitenlandse belasting ter zake van buitenlands inkomen dat volgens de belastingwetgeving van die staat kan worden voortgewenteld van het verslagjaar waarin de groepsentiteit een negatief binnenlands inkomen heeft, zonder rekening te houden met positief buitenlands inkomen, naar een volgend verslagjaar; en
b. het bedrag aan negatief binnenlands inkomen van de groepsentiteit over het verslagjaar, zonder rekening te houden met positief buitenlands inkomen, vermenigvuldigd met het van toepassing zijnde binnenlandse belastingtarief.
3. Een alternatieve verliesverrekeningslatentie, zoals bepaald in het tweede lid, wordt in aanmerking genomen tegen het minimumbelastingtarief of, indien dit lager is, het van toepassing zijnde belastingtarief waartegen de actieve belastinglatentie in de financiële verslaggeving is opgenomen.
4. Een alternatieve verliesverrekeningslatentie wordt niet begrepen in het totale bedrag van de gecorrigeerde mutaties in belastinglatenties, voor zover deze latentie betrekking heeft op bedragen die op grond van artikel 7.3, vijfde lid, onderdeel a, van de wetzijn uitgesloten.