BWBR0049998
Geldig vanaf 2024-07-17
Artikel 8
Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2024
1. Als productie-installaties als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel a, van het Besluit SDEKworden aangewezen:
a. productie-installaties waarmee hernieuwbaar gas door biomassa wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 27, onderdelen a en c en 29;
b. productie-installaties waarmee hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 39, 41 en 57, onderdeel e;
c. productie-installaties waarmee broeikasgas wordt verminderd als bedoeld in artikel 81, eerste lid, onderdelen c tot en met g, indien deze worden gecombineerd met een productie-installatie als bedoeld in: 1°. artikel 68, onderdeel c of d, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2020;
2°. artikel 85, eerste lid, onderdeel c, d, e, f of g, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2022;
3°. artikel 81, eerste lid, onderdeel c, d, e, f of g, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2023.
1°. artikel 68, onderdeel c of d, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2020;
2°. artikel 85, eerste lid, onderdeel c, d, e, f of g, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2022;
3°. artikel 81, eerste lid, onderdeel c, d, e, f of g, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2023.
d. productie-installaties waarmee broeikasgas wordt verminderd als bedoeld in artikel 83, eerste lid, onderdelen c tot en met h, indien deze worden gecombineerd met een productie-installatie als bedoeld in: 1°. in artikel 87, eerste lid, onderdeel c, d, e, f, g of h, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2022;
2°. in artikel 83, eerste lid, onderdeel c, d, e, f, g of h, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2023.
1°. in artikel 87, eerste lid, onderdeel c, d, e, f, g of h, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2022;
2°. in artikel 83, eerste lid, onderdeel c, d, e, f, g of h, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2023.
2. Als productie-installaties waarvoor subsidie kan worden verstrekt als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, van het Besluit SDEKworden aangewezen:
a. productie-installaties waarmee hernieuwbaar gas uit biomassa wordt geproduceerd als bedoeld in artikel 27, onderdelen b en d;
b. productie-installaties waarmee hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte uit biomassa wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 37 en 53, eerste lid.
3. Als productie-installaties waarvoor subsidie kan worden verstrekt indien deze geheel of deels bestaat uit gebruikte materialen als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van het Besluit SDEKworden aangewezen:
a. productie-installaties waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 25, 27, 29 en 31;
b. productie-installaties waarmee hernieuwbare warmte, hernieuwbare elektriciteit of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 35, 37, 39, 41, 51 en 57, onderdeel e;
c. productie-installaties waarmee koolstofdioxide-arme warmte wordt geproduceerd als bedoeld in artikel 75;
d. productie-installaties waarmee koolstofdioxide wordt afgevangen en permanent opgeslagen als bedoeld in de artikelen 81, eerste lid, en 83, eerste lid;
e. productie-installaties waarmee koolstofdioxide wordt afgevangen en gebruikt als bedoeld in artikel 85, eerste lid.
a. productie-installaties waarmee hernieuwbaar gas door biomassa wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 27, onderdelen a en c en 29;
b. productie-installaties waarmee hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 39, 41 en 57, onderdeel e;
c. productie-installaties waarmee broeikasgas wordt verminderd als bedoeld in artikel 81, eerste lid, onderdelen c tot en met g, indien deze worden gecombineerd met een productie-installatie als bedoeld in: 1°. artikel 68, onderdeel c of d, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2020;
2°. artikel 85, eerste lid, onderdeel c, d, e, f of g, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2022;
3°. artikel 81, eerste lid, onderdeel c, d, e, f of g, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2023.
1°. artikel 68, onderdeel c of d, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2020;
2°. artikel 85, eerste lid, onderdeel c, d, e, f of g, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2022;
3°. artikel 81, eerste lid, onderdeel c, d, e, f of g, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2023.
d. productie-installaties waarmee broeikasgas wordt verminderd als bedoeld in artikel 83, eerste lid, onderdelen c tot en met h, indien deze worden gecombineerd met een productie-installatie als bedoeld in: 1°. in artikel 87, eerste lid, onderdeel c, d, e, f, g of h, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2022;
2°. in artikel 83, eerste lid, onderdeel c, d, e, f, g of h, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2023.
1°. in artikel 87, eerste lid, onderdeel c, d, e, f, g of h, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2022;
2°. in artikel 83, eerste lid, onderdeel c, d, e, f, g of h, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2023.
2. Als productie-installaties waarvoor subsidie kan worden verstrekt als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, van het Besluit SDEKworden aangewezen:
a. productie-installaties waarmee hernieuwbaar gas uit biomassa wordt geproduceerd als bedoeld in artikel 27, onderdelen b en d;
b. productie-installaties waarmee hernieuwbare warmte of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte uit biomassa wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 37 en 53, eerste lid.
3. Als productie-installaties waarvoor subsidie kan worden verstrekt indien deze geheel of deels bestaat uit gebruikte materialen als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van het Besluit SDEKworden aangewezen:
a. productie-installaties waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 25, 27, 29 en 31;
b. productie-installaties waarmee hernieuwbare warmte, hernieuwbare elektriciteit of hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd als bedoeld in de artikelen 35, 37, 39, 41, 51 en 57, onderdeel e;
c. productie-installaties waarmee koolstofdioxide-arme warmte wordt geproduceerd als bedoeld in artikel 75;
d. productie-installaties waarmee koolstofdioxide wordt afgevangen en permanent opgeslagen als bedoeld in de artikelen 81, eerste lid, en 83, eerste lid;
e. productie-installaties waarmee koolstofdioxide wordt afgevangen en gebruikt als bedoeld in artikel 85, eerste lid.