BWBR0049864
Geldig vanaf 2024-06-27
Artikel 2
Regeling specifieke uitkering Programma Natuur 2e fase
1. De Minister kan op aanvraag een specifieke uitkering verstrekken aan een provincie voor het realiseren van de condities die nodig zijn voor het bereiken van de instandhoudingsdoelstellingen in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden of van een goede staat van natuurgebieden die buiten Natura 2000-gebieden zijn gelegen.
2. Er wordt per provincie één specifieke uitkering verstrekt. De specifieke uitkering wordt verstrekt voor de kosten, inclusief de apparaatskosten, die zijn gemaakt voor de uitvoeringsactiviteiten in de periode 1 januari 2024 tot en met 31 december 2032 en waarvoor bestuurlijke verplichtingen zijn aangegaan in de periode 1 januari 2021 tot en met 31 december 2031.
3. De kosten waarvoor reeds een specifieke uitkering is verleend op grond van de Regeling specifieke uitkering Programma Natuurzijn uitgesloten van deze regeling.
4. De apparaatskosten zijn additioneel aan de reguliere loonkosten en materiële kosten van het eigen provinciale apparaat en worden specifiek voor de uitvoering van het Provinciaal Uitvoeringsprogramma gemaakt.
5. De apparaatskosten maken voor ten hoogste 15 procent onderdeel uit van de specifieke uitkering over de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2032.
2. Er wordt per provincie één specifieke uitkering verstrekt. De specifieke uitkering wordt verstrekt voor de kosten, inclusief de apparaatskosten, die zijn gemaakt voor de uitvoeringsactiviteiten in de periode 1 januari 2024 tot en met 31 december 2032 en waarvoor bestuurlijke verplichtingen zijn aangegaan in de periode 1 januari 2021 tot en met 31 december 2031.
3. De kosten waarvoor reeds een specifieke uitkering is verleend op grond van de Regeling specifieke uitkering Programma Natuurzijn uitgesloten van deze regeling.
4. De apparaatskosten zijn additioneel aan de reguliere loonkosten en materiële kosten van het eigen provinciale apparaat en worden specifiek voor de uitvoering van het Provinciaal Uitvoeringsprogramma gemaakt.
5. De apparaatskosten maken voor ten hoogste 15 procent onderdeel uit van de specifieke uitkering over de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2032.