BWBR0049793
Geldig vanaf 2024-06-11
Artikel 5
Regeling provinciale maatregelen landelijk gebied
1. De minister kan aan een provincie op aanvraag een of meer specifieke uitkeringen verstrekken voor de financiering van een of meer gebiedsprocessen en maatregelen die de provincie wil uitvoeren als onderdeel van een brede, langjarige gebiedsgerichte aanpak om de stikstofbelasting van de natuur terug te dringen en de natuur te beschermen en te ontwikkelen, een bijdrage te leveren aan het tijdig voldoen aan de kaderrichtlijn water, de emissie van broeikasgassen door de landbouw en door landgebruik te verminderen en een bijdrage te leveren aan de verduurzaming van de landbouw.
2. De uitkering kan alleen worden verstrekt voor de kosten van verplichtingen die door de provincie zijn of worden aangegaan vanaf 1 juli 2023 tot en met 31 december 2028.
3. De uitkering wordt niet verstrekt voor:
a. indirecte uitvoeringskosten;
b. de koop van onroerende zaken;
c. de omzetbelasting die de provincie kan aftrekken op grond van de Wet op de omzetbelasting 1968;
d. kosten waarvoor al uit anderen hoofde een specifieke uitkering of subsidie is of wordt verstrekt.
2. De uitkering kan alleen worden verstrekt voor de kosten van verplichtingen die door de provincie zijn of worden aangegaan vanaf 1 juli 2023 tot en met 31 december 2028.
3. De uitkering wordt niet verstrekt voor:
a. indirecte uitvoeringskosten;
b. de koop van onroerende zaken;
c. de omzetbelasting die de provincie kan aftrekken op grond van de Wet op de omzetbelasting 1968;
d. kosten waarvoor al uit anderen hoofde een specifieke uitkering of subsidie is of wordt verstrekt.