BWBR0049614
Geldig vanaf 2024-04-26
Artikel 5
Besluit mandaat en machtiging ProRail inzake uitvoering projectbesluiten
1. Aan de Directeur LJV wordt machtiging verleend de minister te vertegenwoordigen in de procedure bij de bestuursrechter naar aanleiding van een door belanghebbende ingesteld beroep tegen een beslissing als bedoeld in artikel 3of artikel 4of naar aanleiding van een door een belanghebbende ingesteld hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank.
2. Aan de Directeur LJV wordt machtiging verleend om namens de minister hoger beroep in te stellen tegen een uitspraak van de rechtbank inzake een beroep tegen een beslissing als bedoeld in het eerste lid.
3. De Directeur LJV kan de machtiging, bedoeld in het eerste lid, doorgeven aan een of meer onder hem ressorterende medewerkers.
4. Van het doorgeven van de machtiging doet de Directeur LJV mededeling aan de minister.
2. Aan de Directeur LJV wordt machtiging verleend om namens de minister hoger beroep in te stellen tegen een uitspraak van de rechtbank inzake een beroep tegen een beslissing als bedoeld in het eerste lid.
3. De Directeur LJV kan de machtiging, bedoeld in het eerste lid, doorgeven aan een of meer onder hem ressorterende medewerkers.
4. Van het doorgeven van de machtiging doet de Directeur LJV mededeling aan de minister.