BWBR0049614
Geldig vanaf 2024-04-26
Artikel 2
Besluit mandaat en machtiging ProRail inzake uitvoering projectbesluiten
1. Aan de Directeur LJV wordt mandaat verleend om namens de minister de bevoegdheden uit te oefenen die in afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrechtzijn toegekend of opgedragen aan het coördinerend bestuursorgaan met betrekking tot de uitvoeringsbesluiten als bedoeld in artikel 16.7, eerste lid, onder c, van de Omgevingswet.
2. De Directeur LJV kan van het mandaat, bedoeld in het eerste lid, ondermandaat verlenen aan een of meer onder hem ressorterende medewerkers.
3. Van de verlening van ondermandaat doet de Directeur LJV mededeling aan de minister.
2. De Directeur LJV kan van het mandaat, bedoeld in het eerste lid, ondermandaat verlenen aan een of meer onder hem ressorterende medewerkers.
3. Van de verlening van ondermandaat doet de Directeur LJV mededeling aan de minister.