BWBR0049558
Geldig vanaf 2025-02-01
Artikel 9
Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor prioriteitsscholen 2024
1. In aanvulling op hoofdstuk 5 van de Kaderregelingis de subsidieontvanger, voor zover de subsidie is aangevraagd in het eerste tijdvak, bedoeld in artikel 4, tweede lid, verplicht om:
a. tussen 2 september 2024 en 11 oktober 2024 bij DUS-I een activiteitenplan in te dienen met een omschrijving van de activiteiten die met de subsidie zullen worden uitgevoerd. De aanvrager maakt gebruikt van het formulier dat door DUS-I ter beschikking is gesteld;
b. het activiteitenplan ter instemming voor te leggen aan de medezeggenschapsraad voordat dit activiteitenplan wordt ingediend bij DUS-I;
c. gebruik te maken van de ondersteuning door een onderwijscoördinator;
d. ten behoeve van de monitoring uiterlijk op 30 november 2024 een nulmeting uit te voeren voor in ieder geval de prestaties op het gebied van taal, rekenen of wiskunde onder alle leerlingen, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de nulmeting worden betrokken;
e. tijdens de subsidieperiode per schooljaar de voortgang op in ieder geval de prestaties op het gebied van taal, rekenen of wiskunde gedurende de looptijd van de subsidie te monitoren, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de monitoring worden betrokken;
f. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt uiterlijk tot en met 31 juli 2026 uit te voeren;
g. uiterlijk acht weken na het verstrijken van de activiteitenperiode een activiteitenverslag in te dienen bij DUS-I.
2. In aanvulling op hoofdstuk 5 van de Kaderregelingis de subsidieontvanger, voor zover de subsidie is aangevraagd in het tweede tijdvak, bedoeld in artikel 4, tweede lid, verplicht om:
a. tussen 6 januari 2025 en 23 februari 2025 bij DUS-I een activiteitenplan in te dienen met een omschrijving van de activiteiten die met de subsidie zullen worden uitgevoerd. De aanvrager maakt gebruikt van het formulier dat door DUS-I ter beschikking is gesteld;
b. het activiteitenplan ter instemming voor te leggen aan de medezeggenschapsraad voordat dit activiteitenplan wordt ingediend bij DUS-I;
c. gebruik te maken van de ondersteuning door een onderwijscoördinator;
d. ten behoeve van de monitoring uiterlijk op 28 februari 2025 een nulmeting uit te voeren voor in ieder geval de prestaties op het gebied van taal, rekenen of wiskunde onder alle leerlingen, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de nulmeting worden betrokken;
e. tijdens de subsidieperiode per schooljaar de voortgang op in ieder geval de prestaties op het gebied van taal, rekenen of wiskunde gedurende de looptijd van de subsidie te monitoren, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de monitoring hoeven te worden betrokken;
f. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt uiterlijk tot en met 31 december 2026 uit te voeren;
g. uiterlijk acht weken na het verstrijken van de activiteitenperiode een activiteitenverslag in te dienen bij DUS-I.
a. tussen 2 september 2024 en 11 oktober 2024 bij DUS-I een activiteitenplan in te dienen met een omschrijving van de activiteiten die met de subsidie zullen worden uitgevoerd. De aanvrager maakt gebruikt van het formulier dat door DUS-I ter beschikking is gesteld;
b. het activiteitenplan ter instemming voor te leggen aan de medezeggenschapsraad voordat dit activiteitenplan wordt ingediend bij DUS-I;
c. gebruik te maken van de ondersteuning door een onderwijscoördinator;
d. ten behoeve van de monitoring uiterlijk op 30 november 2024 een nulmeting uit te voeren voor in ieder geval de prestaties op het gebied van taal, rekenen of wiskunde onder alle leerlingen, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de nulmeting worden betrokken;
e. tijdens de subsidieperiode per schooljaar de voortgang op in ieder geval de prestaties op het gebied van taal, rekenen of wiskunde gedurende de looptijd van de subsidie te monitoren, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de monitoring worden betrokken;
f. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt uiterlijk tot en met 31 juli 2026 uit te voeren;
g. uiterlijk acht weken na het verstrijken van de activiteitenperiode een activiteitenverslag in te dienen bij DUS-I.
2. In aanvulling op hoofdstuk 5 van de Kaderregelingis de subsidieontvanger, voor zover de subsidie is aangevraagd in het tweede tijdvak, bedoeld in artikel 4, tweede lid, verplicht om:
a. tussen 6 januari 2025 en 23 februari 2025 bij DUS-I een activiteitenplan in te dienen met een omschrijving van de activiteiten die met de subsidie zullen worden uitgevoerd. De aanvrager maakt gebruikt van het formulier dat door DUS-I ter beschikking is gesteld;
b. het activiteitenplan ter instemming voor te leggen aan de medezeggenschapsraad voordat dit activiteitenplan wordt ingediend bij DUS-I;
c. gebruik te maken van de ondersteuning door een onderwijscoördinator;
d. ten behoeve van de monitoring uiterlijk op 28 februari 2025 een nulmeting uit te voeren voor in ieder geval de prestaties op het gebied van taal, rekenen of wiskunde onder alle leerlingen, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de nulmeting worden betrokken;
e. tijdens de subsidieperiode per schooljaar de voortgang op in ieder geval de prestaties op het gebied van taal, rekenen of wiskunde gedurende de looptijd van de subsidie te monitoren, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de monitoring hoeven te worden betrokken;
f. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt uiterlijk tot en met 31 december 2026 uit te voeren;
g. uiterlijk acht weken na het verstrijken van de activiteitenperiode een activiteitenverslag in te dienen bij DUS-I.