BWBR0049519
Geldig vanaf 14-01-2026
Artikel 3
Beleidsregel schadeafhandeling Tijdelijke wet Groningen
1. Het Instituut stelt een werkwijze vast op basis waarvan het een eenmalige vaste vergoeding aanbiedt indien een aanvrager als gevolg van een nieuwe aardbeving als bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de werkwijze nieuwe schade lijdt als bedoeld in artikel 1 van de wet.
2. Het Instituut verklaart artikel 2.10 van de werkwijze van overeenkomstige toepassing op de keuze voor daadwerkelijk herstel, bedoeld in artikel 2, en ontwikkelt een werkwijze over de omgang met nieuwe schade die zich voordoet na de afronding van de individuele maatwerkbeoordeling, bedoeld in hoofdstuk 2a van de werkwijze.
3. In afwijking van het tweede lid vergoedt het Instituut binnen de termijn, bedoeld in artikel 2, vierde lid, bij de toepassing van artikel 2 ook de redelijke kosten van nieuwe schade die binnen die termijn is ontstaan of opgemerkt, binnen het maximum van € 60.000.
2. Het Instituut verklaart artikel 2.10 van de werkwijze van overeenkomstige toepassing op de keuze voor daadwerkelijk herstel, bedoeld in artikel 2, en ontwikkelt een werkwijze over de omgang met nieuwe schade die zich voordoet na de afronding van de individuele maatwerkbeoordeling, bedoeld in hoofdstuk 2a van de werkwijze.
3. In afwijking van het tweede lid vergoedt het Instituut binnen de termijn, bedoeld in artikel 2, vierde lid, bij de toepassing van artikel 2 ook de redelijke kosten van nieuwe schade die binnen die termijn is ontstaan of opgemerkt, binnen het maximum van € 60.000.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0049519
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl