BWBR0049304
Geldig vanaf 2024-03-01
Artikel 3
Algemene aanwijzingen tijdelijk certificaat jeugdbescherming en jeugdreclassering 2024
1. Voor zover dat noodzakelijk is ter borging van de continuïteit van de jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringsmaatregelen, verleent de certificerende instelling aan de betrokken gecertificeerde instelling een tijdelijk certificaat, mits zij het voldoende aannemelijk acht dat de betrokken gecertificeerde instelling in ieder geval passende voorzieningen treft om de veiligheid van jeugdigen voldoende te borgen.
2. De certificerende instelling verbindt aan het tijdelijk certificaat alle voorwaarden die zij nodig acht ter borging van de kwaliteit van de onder de gecertificeerde instelling lopende jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringsmaatregelen en de veiligheid van jeugdigen.
3. De certificerende instelling stelt de Minister voor Rechtsbescherming en voorts de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, de Inspectie Justitie en Veiligheid, de Raad voor de Kinderbescherming en de Raad voor de Rechtspraak onverwijld op de hoogte van het verlenen van het tijdelijk certificaat.
2. De certificerende instelling verbindt aan het tijdelijk certificaat alle voorwaarden die zij nodig acht ter borging van de kwaliteit van de onder de gecertificeerde instelling lopende jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringsmaatregelen en de veiligheid van jeugdigen.
3. De certificerende instelling stelt de Minister voor Rechtsbescherming en voorts de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, de Inspectie Justitie en Veiligheid, de Raad voor de Kinderbescherming en de Raad voor de Rechtspraak onverwijld op de hoogte van het verlenen van het tijdelijk certificaat.