BWBR0049064
Geldig vanaf 2024-01-01
Artikel 1.6
Vangnetregeling Omgevingswet
1. In aanvulling op artikel 4.6, eerste lid, van de wetgeldt voor de toepassing van afdeling 13.6 van de Omgevingswetdat regels als bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordeningin een exploitatieplan, voor zover dat op grond van artikel 4.6, eerste lid, onder m, van de wet geldt als deel van het omgevingsplan, worden aangemerkt als regels als bedoeld in artikel 13.14, eerste lid, van de Omgevingswet, met dien verstande dat burgemeester en wethouders zolang het omgevingsplan geen regels over de eindafrekening als bedoeld in artikel 13.14, eerste lid, onder e, onder 2°, van de Omgevingswet bevat, drie maanden na uitvoering van de in het exploitatieplan voorziene werken, werkzaamheden en maatregelen een afrekening van dat exploitatieplan vaststellen overeenkomstig artikel 6.20 van de Wet ruimtelijke ordeningzoals dat artikel luidde voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet.
2. In aanvulling op artikel 4.13, tweede lid, van de wetgeldt voor de toepassing van afdeling 13.6 van de Omgevingswetdat regels als bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordeningin een exploitatieplan, voor zover dat op grond van artikel 4.13, tweede lid, onder c, van de wet geldt als een aan een omgevingsvergunning verbonden voorschrift, worden aangemerkt als voorschriften als bedoeld in artikel 13.14, derde lid, van de Omgevingswet, met dien verstande dat burgemeester en wethouders zolang de omgevingsvergunning geen voorschriften over de eindafrekening als bedoeld in artikel 13.14, eerste lid, onder e, onder 2°, van de Omgevingswet bevat, drie maanden na uitvoering van de in het exploitatieplan voorziene werken, werkzaamheden en maatregelen een afrekening van dat exploitatieplan vaststellen overeenkomstig artikel 6.20 van de Wet ruimtelijke ordeningzoals dat artikel luidde voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet.
2. In aanvulling op artikel 4.13, tweede lid, van de wetgeldt voor de toepassing van afdeling 13.6 van de Omgevingswetdat regels als bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordeningin een exploitatieplan, voor zover dat op grond van artikel 4.13, tweede lid, onder c, van de wet geldt als een aan een omgevingsvergunning verbonden voorschrift, worden aangemerkt als voorschriften als bedoeld in artikel 13.14, derde lid, van de Omgevingswet, met dien verstande dat burgemeester en wethouders zolang de omgevingsvergunning geen voorschriften over de eindafrekening als bedoeld in artikel 13.14, eerste lid, onder e, onder 2°, van de Omgevingswet bevat, drie maanden na uitvoering van de in het exploitatieplan voorziene werken, werkzaamheden en maatregelen een afrekening van dat exploitatieplan vaststellen overeenkomstig artikel 6.20 van de Wet ruimtelijke ordeningzoals dat artikel luidde voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet.