BWBR0048742
Geldig vanaf 17-10-2023
Artikel 3.5
Deelregeling meerjarige productiesubsidies Fonds Podiumkunsten 2025–2028
1. Voor de hoogte van de subsidie heeft de aanvrager de keuze uit de volgende bedragen per jaar:
a. categorie I: € 100.000, € 130.000 of € 160.000
b. categorie II: € 250.000, € 370.000 of € 485.000
c. categorie III: € 605.000, € 725.000 of € 845.000
Deze bedragen zijn per jaar op basis van prijspeil 2023 en kunnen worden geïndexeerd. Het percentage indexatie zal dan gelijk zijn aan het percentage indexatie van het instellingssubsidie van Fonds Podiumkunsten door het Ministerie van OCW.
2. Alle aanvragers dienen in de aanvraag aannemelijk te maken dat zij substantiële andere inkomsten zullen genereren.
3. Aanvragers van de categorie II of de categorie III dienen in de aanvraag aannemelijk te maken dat tegenover elke 100 euro subsidie van Fonds Podiumkunsten 75 euro aan andere inkomsten staat. Als de aanvrager daar onvoldoende in slaagt kan het bestuur binnen de categorie een lager subsidiebedrag toekennen.
a. categorie I: € 100.000, € 130.000 of € 160.000
b. categorie II: € 250.000, € 370.000 of € 485.000
c. categorie III: € 605.000, € 725.000 of € 845.000
Deze bedragen zijn per jaar op basis van prijspeil 2023 en kunnen worden geïndexeerd. Het percentage indexatie zal dan gelijk zijn aan het percentage indexatie van het instellingssubsidie van Fonds Podiumkunsten door het Ministerie van OCW.
2. Alle aanvragers dienen in de aanvraag aannemelijk te maken dat zij substantiële andere inkomsten zullen genereren.
3. Aanvragers van de categorie II of de categorie III dienen in de aanvraag aannemelijk te maken dat tegenover elke 100 euro subsidie van Fonds Podiumkunsten 75 euro aan andere inkomsten staat. Als de aanvrager daar onvoldoende in slaagt kan het bestuur binnen de categorie een lager subsidiebedrag toekennen.
- Citeren als
- Art. 3.5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0048742
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl