BWBR0048336
Geldig vanaf 2023-07-01
Artikel 2
Tijdelijke wet uitwisseling persoonsgegevens UHP KOT
1. Onze Minister heeft, ten behoeve van de in het tweede lid bedoelde doelen, tot taak:
a. het verkrijgen van inzicht in de groep van UHP KOT-ouders en de UHP KOT-kinderen;
b. het doen van een ondersteuningsaanbod aan de UHP KOT-ouders, en
c. het informeren van UHP KOT-ouders en UHP KOT-kinderen als bedoeld in artikel 9.
2. Deze wet strekt ertoe de volgende doelen voor verwerking en verstrekking van persoonsgegevens vast te stellen:
a. het verkrijgen van inzicht in de groep van UHP KOT-ouders en de UHP KOT-kinderen;
b. het doen van een ondersteuningsaanbod aan de UHP KOT-ouders;
c. het reflecteren op het eigen handelen door de raad voor de kinderbescherming, gecertificeerde instellingen en de gerechten inzake de dossiers van de UHP KOT-kinderen;
d. het kunnen verrichten van wetenschappelijk onderzoek al dan niet op verzoek van de commissie of Onze Minister of het verrichten van onderzoek door de commissie, naar de samenhang van de problemen bij de uitvoering van de kinderopvangtoeslag en de uithuisplaatsing van UHP KOT-kinderen, en
e. het informeren van UHP KOT-ouders en UHP KOT-kinderen als bedoeld in artikel 9 over wat er met de persoonsgegevens is gedaan.
a. het verkrijgen van inzicht in de groep van UHP KOT-ouders en de UHP KOT-kinderen;
b. het doen van een ondersteuningsaanbod aan de UHP KOT-ouders, en
c. het informeren van UHP KOT-ouders en UHP KOT-kinderen als bedoeld in artikel 9.
2. Deze wet strekt ertoe de volgende doelen voor verwerking en verstrekking van persoonsgegevens vast te stellen:
a. het verkrijgen van inzicht in de groep van UHP KOT-ouders en de UHP KOT-kinderen;
b. het doen van een ondersteuningsaanbod aan de UHP KOT-ouders;
c. het reflecteren op het eigen handelen door de raad voor de kinderbescherming, gecertificeerde instellingen en de gerechten inzake de dossiers van de UHP KOT-kinderen;
d. het kunnen verrichten van wetenschappelijk onderzoek al dan niet op verzoek van de commissie of Onze Minister of het verrichten van onderzoek door de commissie, naar de samenhang van de problemen bij de uitvoering van de kinderopvangtoeslag en de uithuisplaatsing van UHP KOT-kinderen, en
e. het informeren van UHP KOT-ouders en UHP KOT-kinderen als bedoeld in artikel 9 over wat er met de persoonsgegevens is gedaan.