BWBR0048168
Geldig vanaf 2023-07-01
Artikel 3
Regeling betrouwbaarheidsniveaus authenticatie elektronische dienstverlening
1. Onverminderd de toepasselijkheid van een wettelijk voorschrift dat bepaalt dat een specifieke wijze van authenticatie voor die dienst vereist is of ten minste vereist is, kan, in afwijking van artikel 2, tweede en derde lid, een bestuursorgaan of aangewezen organisatie voor een elektronische dienst authenticatie op één betrouwbaarheidsniveau lager vaststellen, indien:
a. het proces van toegangsverlening voorziet in een adequate aanvullende technische of fysieke controle op de authenticiteit van de gebruiker van het identificatiemiddel na het moment waarop daarmee voor de eerste keer voor de desbetreffende dienst een authenticatie is uitgevoerd;
b. het bestuursorgaan of de aangewezen organisatie in het proces herstelmaatregelen neemt of kan nemen.
2. Toepassing van het eerste lid sluit gelijktijdige toepassing van artikel 6uit.
a. het proces van toegangsverlening voorziet in een adequate aanvullende technische of fysieke controle op de authenticiteit van de gebruiker van het identificatiemiddel na het moment waarop daarmee voor de eerste keer voor de desbetreffende dienst een authenticatie is uitgevoerd;
b. het bestuursorgaan of de aangewezen organisatie in het proces herstelmaatregelen neemt of kan nemen.
2. Toepassing van het eerste lid sluit gelijktijdige toepassing van artikel 6uit.