BWBR0047626
Geldig vanaf 12-01-2023
Artikel 4
Besluit ‘gemengd afmeren’ Rotterdam 2022
Voor de veiligheid van de scheepvaart wordt bij het gemengd afmeren op de ligplaatsen als bedoeld in artikel 3, geadviseerd om:
a. bij het ligplaats nemen te zorgen dat de woning, het stuurhuis en de machinekamer niet naast de ladingzone van een kegelvoerend schip ligt;
b. personen jonger dan 14 jaar niet zonder begeleiding via een kegelvoerend schip de wal of een ander schip te laten betreden;
c. deuren van de accommodatie en machinekamer gesloten te houden;
d. te zorgen dat de ventilatieopeningen van de ladingtankruimten van een binnentankschip niet terhoogte van de woning en stuurhuis van langszij liggende binnenschepen komen te liggen, of;
e. te zorgen dat een onbemand binnenschip, indien deze direct aan de steiger ligt, onder toezichtis gesteld van een persoon die binnen een uur kan ingrijpen, voor zover er geen wachtsman conform artikel 7.08, eerste lid, Bpr aan boord is vereist.
a. bij het ligplaats nemen te zorgen dat de woning, het stuurhuis en de machinekamer niet naast de ladingzone van een kegelvoerend schip ligt;
b. personen jonger dan 14 jaar niet zonder begeleiding via een kegelvoerend schip de wal of een ander schip te laten betreden;
c. deuren van de accommodatie en machinekamer gesloten te houden;
d. te zorgen dat de ventilatieopeningen van de ladingtankruimten van een binnentankschip niet terhoogte van de woning en stuurhuis van langszij liggende binnenschepen komen te liggen, of;
e. te zorgen dat een onbemand binnenschip, indien deze direct aan de steiger ligt, onder toezichtis gesteld van een persoon die binnen een uur kan ingrijpen, voor zover er geen wachtsman conform artikel 7.08, eerste lid, Bpr aan boord is vereist.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0047626
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl