BWBR0047392
Geldig vanaf 2022-10-29
Artikel 2.5
Tijdelijke regeling subsidie ondernemingen Brexit Adjustment Reserve
1. Onverminderd artikel 1.3, tweede lid, bevat de aanvraag tot subsidieverlening de volgende gegevens:
a. een beschrijving van de voorlichtingscampagne, waaronder: 1°. een samenvatting van de voorlichtingscampagne;
2°. de doelstellingen van de voorlichtingscampagne;
3°. een probleemanalyse waaruit onder andere de noodzaak van de voorlichtingscampagne en de noodzaak van de ter uitvoering daarvan te maken kosten blijken; en
4°. de activiteiten en wijze van uitvoering daarvan;
1°. een samenvatting van de voorlichtingscampagne;
2°. de doelstellingen van de voorlichtingscampagne;
3°. een probleemanalyse waaruit onder andere de noodzaak van de voorlichtingscampagne en de noodzaak van de ter uitvoering daarvan te maken kosten blijken; en
4°. de activiteiten en wijze van uitvoering daarvan;
b. een beschrijving van de eigen taken en verantwoordelijkheden van de subsidieaanvrager bij de ontwikkeling en uitvoering van de voorlichtingscampagne;
c. informatie waaruit blijkt in hoeverre de voorlichtingscampagne bijdraagt aan de doeleinden waarvoor subsidie wordt verstrekt;
d. de verwachte realisatietermijn;
e. een de-minimisverklaring.
2. In afwijking van het eerste lid, onderdeel e, bevat de aanvraag tot subsidieverlening:
a. indien de subsidieaanvrager een landbouwonderneming is, een verklaring landbouw de-minimissteun;
b. indien de subsidieaanvrager een visserij- of aquacultuuronderneming is, een verklaring visserij de-minimissteun.
3. Artikel 1.3, tweede lid, onderdeel d, en derde lid, zijn niet van toepassing.
a. een beschrijving van de voorlichtingscampagne, waaronder: 1°. een samenvatting van de voorlichtingscampagne;
2°. de doelstellingen van de voorlichtingscampagne;
3°. een probleemanalyse waaruit onder andere de noodzaak van de voorlichtingscampagne en de noodzaak van de ter uitvoering daarvan te maken kosten blijken; en
4°. de activiteiten en wijze van uitvoering daarvan;
1°. een samenvatting van de voorlichtingscampagne;
2°. de doelstellingen van de voorlichtingscampagne;
3°. een probleemanalyse waaruit onder andere de noodzaak van de voorlichtingscampagne en de noodzaak van de ter uitvoering daarvan te maken kosten blijken; en
4°. de activiteiten en wijze van uitvoering daarvan;
b. een beschrijving van de eigen taken en verantwoordelijkheden van de subsidieaanvrager bij de ontwikkeling en uitvoering van de voorlichtingscampagne;
c. informatie waaruit blijkt in hoeverre de voorlichtingscampagne bijdraagt aan de doeleinden waarvoor subsidie wordt verstrekt;
d. de verwachte realisatietermijn;
e. een de-minimisverklaring.
2. In afwijking van het eerste lid, onderdeel e, bevat de aanvraag tot subsidieverlening:
a. indien de subsidieaanvrager een landbouwonderneming is, een verklaring landbouw de-minimissteun;
b. indien de subsidieaanvrager een visserij- of aquacultuuronderneming is, een verklaring visserij de-minimissteun.
3. Artikel 1.3, tweede lid, onderdeel d, en derde lid, zijn niet van toepassing.