BWBR0046639
Geldig vanaf 2022-07-01
Artikel 4
Tijdelijke subsidieregeling innovaties voor waterveiligheid en waterzekerheid buitenlandse delta’s, deltasteden en stroomgebieden
1. In de aanvraagperiode in 2022 is € 500.000,– beschikbaar voor haalbaarheidsstudies en is € 3.000.000,– beschikbaar voor pilotprojecten.
2. In elke aanvraagperiode in 2023 en in 2024 is telkens € 350.000,– beschikbaar voor haalbaarheidsstudies en € 1.900.000,– voor pilotprojecten.
3. In de aanvraagperiode in 2025 is € 400.000,– beschikbaar voor haalbaarheidsstudies en is € 2.100.000,– beschikbaar voor pilotprojecten.
4. Indien het bedrag dat in een aanvraagperiode beschikbaar is voor aanvragen voor haalbaarheidsstudies dan wel voor pilotprojecten niet is uitgeput, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het in die periode beschikbare bedrag voor aanvragen voor de andere projectsoort indien daarvoor het budget is uitgeput en er daardoor nog een of meer aanvragen gehonoreerd kunnen worden.
5. In afwijking van het vierde lid vindt, indien een gevraagde subsidie niet geheel doch voor ten minste 70% kan worden verleend omdat het subsidieplafond bijna is bereikt, overleg plaats met de desbetreffende aanvrager over het al dan niet geven van een beschikking houdende een afwijking van het gevraagde subsidiebedrag.
6. Indien na toepassing van het vierde en vijfde lid het bedrag dat in een aanvraagperiode beschikbaar is, niet is uitgeput, kan het resterende bedrag worden toegevoegd aan het bedrag dat voor de oorspronkelijke projectsoort voor de volgende aanvraagperiode beschikbaar is.
2. In elke aanvraagperiode in 2023 en in 2024 is telkens € 350.000,– beschikbaar voor haalbaarheidsstudies en € 1.900.000,– voor pilotprojecten.
3. In de aanvraagperiode in 2025 is € 400.000,– beschikbaar voor haalbaarheidsstudies en is € 2.100.000,– beschikbaar voor pilotprojecten.
4. Indien het bedrag dat in een aanvraagperiode beschikbaar is voor aanvragen voor haalbaarheidsstudies dan wel voor pilotprojecten niet is uitgeput, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het in die periode beschikbare bedrag voor aanvragen voor de andere projectsoort indien daarvoor het budget is uitgeput en er daardoor nog een of meer aanvragen gehonoreerd kunnen worden.
5. In afwijking van het vierde lid vindt, indien een gevraagde subsidie niet geheel doch voor ten minste 70% kan worden verleend omdat het subsidieplafond bijna is bereikt, overleg plaats met de desbetreffende aanvrager over het al dan niet geven van een beschikking houdende een afwijking van het gevraagde subsidiebedrag.
6. Indien na toepassing van het vierde en vijfde lid het bedrag dat in een aanvraagperiode beschikbaar is, niet is uitgeput, kan het resterende bedrag worden toegevoegd aan het bedrag dat voor de oorspronkelijke projectsoort voor de volgende aanvraagperiode beschikbaar is.