BWBR0046477
Geldig vanaf 2023-01-01
Artikel 2.2
Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik
1. Het bedrijfsmatig aanbieden door de exploitant van kunststof drinkbekers voor eenmalig gebruik of kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik aan de eindgebruiker, voor de consumptie van een drank of voedsel buiten een voedseluitgiftelocatie, geschiedt voor een meerprijs ten opzichte van de prijs van het voedsel of de drank zelf.
2. Exploitanten bieden aan de eindgebruiker een herbruikbaar alternatief aan voor kunststof drinkbekers voor eenmalig gebruik of kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik voor de consumptie van drank of voedsel buiten de voedseluitgiftelocatie, waar er verdere bereiding van de drank of voedsel plaatsvindt op die locatie. Exploitanten kunnen deze verplichting achterwege laten indien zij de eindgebruiker in de gelegenheid stellen de drank of het voedsel mee te nemen zonder verpakking of beker van de exploitant of met een verpakking of beker van de eindgebruiker.
3. Het eerste en tweede lid is niet van toepassing indien
a. het aanbieden onderdeel uitmaakt van een voorziening voor opvang als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning of
b. zorg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, van de Wet marktordening gezondheidszorg of tandheelkundige zorg, waaronder de zorg die niet wordt genoemd in artikel 2.7 van het Besluit zorgverzekering en die wordt bekostigd door een zorgverzekeraar.
2. Exploitanten bieden aan de eindgebruiker een herbruikbaar alternatief aan voor kunststof drinkbekers voor eenmalig gebruik of kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik voor de consumptie van drank of voedsel buiten de voedseluitgiftelocatie, waar er verdere bereiding van de drank of voedsel plaatsvindt op die locatie. Exploitanten kunnen deze verplichting achterwege laten indien zij de eindgebruiker in de gelegenheid stellen de drank of het voedsel mee te nemen zonder verpakking of beker van de exploitant of met een verpakking of beker van de eindgebruiker.
3. Het eerste en tweede lid is niet van toepassing indien
a. het aanbieden onderdeel uitmaakt van een voorziening voor opvang als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning of
b. zorg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, van de Wet marktordening gezondheidszorg of tandheelkundige zorg, waaronder de zorg die niet wordt genoemd in artikel 2.7 van het Besluit zorgverzekering en die wordt bekostigd door een zorgverzekeraar.