BWBR0046228
Geldig vanaf 13-04-2023
Artikel 2.7
Regeling Vernieuwen van cultuurmaken
Naast de in artikel 1.5 genoemde voorwaarden en beperkingen geldt:
a. voor aanvragers gevestigd in het Europees deel van Nederland komt maximaal 90% van de totale projectkosten voor subsidie in aanmerking; voor aanvragers gevestigd in het Caribisch deel van het Koninkrijk is dat 100%;
b. aanvragers gevestigd in het Europees deel van Nederland kunnen maximaal 10% van de totale projectkosten inzetten voor materiële investeringen die nodig zijn voor het project;
c. aanvragers gevestigd in het Caribisch deel van het Koninkrijk kunnen maximaal 20% van de totale projectkosten inzetten voor materiële investeringen die nodig zijn voor het project; en
d. de post Onvoorzien kan maximaal 7% van de totale projectkosten zijn.
a. voor aanvragers gevestigd in het Europees deel van Nederland komt maximaal 90% van de totale projectkosten voor subsidie in aanmerking; voor aanvragers gevestigd in het Caribisch deel van het Koninkrijk is dat 100%;
b. aanvragers gevestigd in het Europees deel van Nederland kunnen maximaal 10% van de totale projectkosten inzetten voor materiële investeringen die nodig zijn voor het project;
c. aanvragers gevestigd in het Caribisch deel van het Koninkrijk kunnen maximaal 20% van de totale projectkosten inzetten voor materiële investeringen die nodig zijn voor het project; en
d. de post Onvoorzien kan maximaal 7% van de totale projectkosten zijn.
- Citeren als
- Art. 2.7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0046228
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl