BWBR0045984
Geldig vanaf 2022-01-01
Artikel 8
Subsidieregeling taakuitoefening beheerders van de HSWI
1. In de verkenningsfase van een project of programma komen in aanmerking voor een subsidie de rechtstreeks aan deze fase toe te rekenen kosten van:
a. het verrichten van onderzoek;
b. het opstellen van een mogelijk ontwerp van een project of programma.
2. In de planuitwerkingsfase van een project of programma komen in aanmerking voor een subsidie de in deze fase rechtstreeks aan het project of programma toe te rekenen kosten van:
a. het verrichten van onderzoek;
b. het opstellen van een mogelijk ontwerp van het project of programma;
c. een reservering voor voorziene risico’s en een reservering voor onvoorziene risico’s;
d. apparaatskosten van de subsidie-ontvanger.
3. In de realisatiefase van een project of programma komen in aanmerking voor een subsidie de in deze fase rechtstreeks aan het project of programma toe te rekenen kosten:
a. van verwerving van een onroerende zaak of een beperkt recht op een onroerende zaak of het sluiten van een overeenkomst ter zake van het gebruik van een onroerende zaak;
b. van het verkrijgen van de voor deze fase benodigde vergunningen;
c. voortvloeiend uit een voor de realisatie van het project of programma gesloten overeenkomst van aanneming van werk;
d. voortvloeiend uit een overeenkomst ten behoeve van de realisatie van het project of programma, anders dan bedoeld in onderdeel a of c;
e. van nadeelcompensatie, voor zover de subsidie-ontvanger hiertoe rechtens gehouden is;
f. van apparaatskosten van de subsidie-ontvanger;
g. van een reservering voor voorziene risico’s en een reservering voor onvoorziene risico’s;
h. van andere kostenposten dan de kostenposten, bedoeld in de onderdelen a tot en met g, die in redelijkheid zijn aan te merken als realisatiekosten.
4. Geen subsidie wordt verstrekt voor kosten die de subsidie-ontvanger op andere wijze vergoed kan krijgen.
5. Indien als gevolg van onvoorziene omstandigheden de werkelijk gemaakte kosten hoger uitvallen dan het bedrag waarvoor subsidie is verleend, kan de subsidie-ontvanger een aanvullende aanvraag indienen.
a. het verrichten van onderzoek;
b. het opstellen van een mogelijk ontwerp van een project of programma.
2. In de planuitwerkingsfase van een project of programma komen in aanmerking voor een subsidie de in deze fase rechtstreeks aan het project of programma toe te rekenen kosten van:
a. het verrichten van onderzoek;
b. het opstellen van een mogelijk ontwerp van het project of programma;
c. een reservering voor voorziene risico’s en een reservering voor onvoorziene risico’s;
d. apparaatskosten van de subsidie-ontvanger.
3. In de realisatiefase van een project of programma komen in aanmerking voor een subsidie de in deze fase rechtstreeks aan het project of programma toe te rekenen kosten:
a. van verwerving van een onroerende zaak of een beperkt recht op een onroerende zaak of het sluiten van een overeenkomst ter zake van het gebruik van een onroerende zaak;
b. van het verkrijgen van de voor deze fase benodigde vergunningen;
c. voortvloeiend uit een voor de realisatie van het project of programma gesloten overeenkomst van aanneming van werk;
d. voortvloeiend uit een overeenkomst ten behoeve van de realisatie van het project of programma, anders dan bedoeld in onderdeel a of c;
e. van nadeelcompensatie, voor zover de subsidie-ontvanger hiertoe rechtens gehouden is;
f. van apparaatskosten van de subsidie-ontvanger;
g. van een reservering voor voorziene risico’s en een reservering voor onvoorziene risico’s;
h. van andere kostenposten dan de kostenposten, bedoeld in de onderdelen a tot en met g, die in redelijkheid zijn aan te merken als realisatiekosten.
4. Geen subsidie wordt verstrekt voor kosten die de subsidie-ontvanger op andere wijze vergoed kan krijgen.
5. Indien als gevolg van onvoorziene omstandigheden de werkelijk gemaakte kosten hoger uitvallen dan het bedrag waarvoor subsidie is verleend, kan de subsidie-ontvanger een aanvullende aanvraag indienen.