BWBR0045778
Geldig vanaf 2024-04-16
Artikel 8
Tijdelijke regeling specifieke uitkering Zero Emissiebussen 2022–2024
1. De concessieverlener voldoet aan de volgende verplichtingen:
a. de aanschaf betreft ten minste tien ZE-bussen;
b. deze ZE-bussen worden binnen twee jaar na de verlening van de specifieke uitkering ingezet;
c. deze ZE-bussen worden gedurende ten minste drie jaar ingezet voor de uitvoering van de concessie waarop de aanvraag betrekking heeft of voor de uitvoering van de concessie die op die concessie volgt;
d. gemiddeld wordt per ZE-bus in het kalenderjaar volgend op het eerste jaar van de inzet ten minste 45.000 kilometer minder afgelegd door bussen die bij gebruik koolstofdioxide of stikstofoxide uitstoten, afgezet tegen de gerealiseerde kilometers door die bussen in de dienstregeling van 2022.
2. De berekening van het gemiddelde van 45.000 kilometer, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, behelst het aantal kilometer dat minder is afgelegd door een bus met dieselaandrijving. De berekening wordt aangevuld met het aantal kilometer dat minder is afgelegd door een bus met aardgasaandrijving indien er geen of onvoldoende dieselkilometers worden gereden.
3. Het aantal kilometer, bedoeld in het tweede lid, telt per concessie slechts eenmaal mee, ongeacht het aantal aanvragen dat in het kader van de concessie is ingediend.
4. De ontvanger werkt mee aan een door of namens de Minister ingesteld onderzoek dat erop is gericht de Minister inlichtingen te verschaffen die van belang zijn voor het nemen van een besluit over het verstrekken van de specifieke uitkering, de vaststelling van de rechtmatigheid daarvan, tot vijf jaar na de datum van vaststelling van de specifieke uitkering, onder meer door het verschaffen van de daartoe benodigde inlichtingen, gegevens en bescheiden.
a. de aanschaf betreft ten minste tien ZE-bussen;
b. deze ZE-bussen worden binnen twee jaar na de verlening van de specifieke uitkering ingezet;
c. deze ZE-bussen worden gedurende ten minste drie jaar ingezet voor de uitvoering van de concessie waarop de aanvraag betrekking heeft of voor de uitvoering van de concessie die op die concessie volgt;
d. gemiddeld wordt per ZE-bus in het kalenderjaar volgend op het eerste jaar van de inzet ten minste 45.000 kilometer minder afgelegd door bussen die bij gebruik koolstofdioxide of stikstofoxide uitstoten, afgezet tegen de gerealiseerde kilometers door die bussen in de dienstregeling van 2022.
2. De berekening van het gemiddelde van 45.000 kilometer, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, behelst het aantal kilometer dat minder is afgelegd door een bus met dieselaandrijving. De berekening wordt aangevuld met het aantal kilometer dat minder is afgelegd door een bus met aardgasaandrijving indien er geen of onvoldoende dieselkilometers worden gereden.
3. Het aantal kilometer, bedoeld in het tweede lid, telt per concessie slechts eenmaal mee, ongeacht het aantal aanvragen dat in het kader van de concessie is ingediend.
4. De ontvanger werkt mee aan een door of namens de Minister ingesteld onderzoek dat erop is gericht de Minister inlichtingen te verschaffen die van belang zijn voor het nemen van een besluit over het verstrekken van de specifieke uitkering, de vaststelling van de rechtmatigheid daarvan, tot vijf jaar na de datum van vaststelling van de specifieke uitkering, onder meer door het verschaffen van de daartoe benodigde inlichtingen, gegevens en bescheiden.