BWBR0045778
Geldig vanaf 2024-04-16
Artikel 13
Tijdelijke regeling specifieke uitkering Zero Emissiebussen 2022–2024
1. De Minister stelt de specifieke uitkering vast op het bedrag dat is bepaald in de verleningsbeschikking indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend geheel zijn verricht en hebben plaatsgevonden conform deze beschikking.
2. De Minister kan de specifieke uitkering op een lager bedrag vaststellen indien:
a. de specifieke uitkering niet of niet volledig overeenkomstig deze regeling is besteed;
b. niet of niet geheel is voldaan aan de verplichtingen, genoemd in artikel 8, eerste en vierde lid;
c. niet of niet volledig is voldaan aan de verantwoording, bedoeld in artikel 12.
3. De vaststelling vindt plaats op basis van de verantwoordingsinformatie, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet.
4. Een besluit tot vaststelling vermeldt in ieder geval:
a. het bedrag van de vastgestelde specifieke uitkering;
b. het betaalde voorschot;
c. het te betalen of terug te vorderen bedrag.
2. De Minister kan de specifieke uitkering op een lager bedrag vaststellen indien:
a. de specifieke uitkering niet of niet volledig overeenkomstig deze regeling is besteed;
b. niet of niet geheel is voldaan aan de verplichtingen, genoemd in artikel 8, eerste en vierde lid;
c. niet of niet volledig is voldaan aan de verantwoording, bedoeld in artikel 12.
3. De vaststelling vindt plaats op basis van de verantwoordingsinformatie, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet.
4. Een besluit tot vaststelling vermeldt in ieder geval:
a. het bedrag van de vastgestelde specifieke uitkering;
b. het betaalde voorschot;
c. het te betalen of terug te vorderen bedrag.