BWBR0045245
Geldig vanaf 2021-06-18
Artikel 13
Tijdelijke regeling subsidie evenementen COVID-19
1. Een aanvraag tot subsidievaststelling wordt door de subsidieontvanger ingediend:
a. uiterlijk 13 weken na de datum waarop het evenementenverbod is vastgesteld waardoor het evenement moet worden geannuleerd; of
b. indien dit later is dan het tijdstip bedoeld in onderdeel a, uiterlijk dertien weken na inwerkingtreding van de Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 3 november 2021 tot wijziging van de Tijdelijke regeling subsidie evenementen COVID-19 om extra steun mogelijk te maken voor organisatoren van evenementen (Stcrt. 2021, 45860).
2. In afwijking van artikel 50, tweede lid, onderdeel c, van het Kaderbesluitbehoeft de aanvraag niet vergezeld te gaan van een controleverklaring.
3. In afwijking van artikel 50, negende lid, van het Kaderbesluit, is het eerste lid mede van toepassing indien een subsidie is verleend van minder dan € 25.000.
4. De aanvraag tot subsidievaststelling bevat het percentage van de subsidiabele kosten waarvoor de subsidieontvanger subsidie wenst te ontvangen indien dit percentage lager is dan het percentage, bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel e.
5. Indien een evenementenvergunning is vereist, gaat de aanvraag vergezeld van de beschikking tot verlening van de vergunning of de schriftelijke bevestiging van het voornemen daartoe, bedoeld in artikel 9, onderdeel a.
6. Indien sprake is van een terugbetalingsverplichting en de subsidieontvanger onderdeel uitmaakt van een groep, maar niet de hoogste in Nederland gevestigde onderneming binnen die groep is, gaat de aanvraag vergezeld van een borgstellingsovereenkomst als bedoeld in artikel 9, onderdeel b, subonderdeel 1°, of een verklaring als bedoeld in artikel 9, onderdeel b, subonderdeel 2°.
a. uiterlijk 13 weken na de datum waarop het evenementenverbod is vastgesteld waardoor het evenement moet worden geannuleerd; of
b. indien dit later is dan het tijdstip bedoeld in onderdeel a, uiterlijk dertien weken na inwerkingtreding van de Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 3 november 2021 tot wijziging van de Tijdelijke regeling subsidie evenementen COVID-19 om extra steun mogelijk te maken voor organisatoren van evenementen (Stcrt. 2021, 45860).
2. In afwijking van artikel 50, tweede lid, onderdeel c, van het Kaderbesluitbehoeft de aanvraag niet vergezeld te gaan van een controleverklaring.
3. In afwijking van artikel 50, negende lid, van het Kaderbesluit, is het eerste lid mede van toepassing indien een subsidie is verleend van minder dan € 25.000.
4. De aanvraag tot subsidievaststelling bevat het percentage van de subsidiabele kosten waarvoor de subsidieontvanger subsidie wenst te ontvangen indien dit percentage lager is dan het percentage, bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel e.
5. Indien een evenementenvergunning is vereist, gaat de aanvraag vergezeld van de beschikking tot verlening van de vergunning of de schriftelijke bevestiging van het voornemen daartoe, bedoeld in artikel 9, onderdeel a.
6. Indien sprake is van een terugbetalingsverplichting en de subsidieontvanger onderdeel uitmaakt van een groep, maar niet de hoogste in Nederland gevestigde onderneming binnen die groep is, gaat de aanvraag vergezeld van een borgstellingsovereenkomst als bedoeld in artikel 9, onderdeel b, subonderdeel 1°, of een verklaring als bedoeld in artikel 9, onderdeel b, subonderdeel 2°.