BWBR0045114
Geldig vanaf 2021-05-11
Artikel 6
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar gemeente Breda 2021
De buitengewoon opsporingsambtenaar kan de in artikel 7, eerste, derde en vierde lid (vervoersfouillering), van de Politiewet 2012omschreven bevoegdheden uitoefenen met gebruikmaking van het vrijheidsbeperkend middel handboeien en het geweldsmiddel korte wapenstok.
De gebruikmaking van het geweldsmiddel korte wapenstok wordt toegekend, onder de randvoorwaarden zoals gesteld op basis van artikel 29 Besluit buitengewoon opsporingsambtenaarin de adviezen van de toezichthouders. Hiertoe vindt op basis van artikel 40en 41 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaarregulier overleg plaats.
De gebruikmaking van het geweldsmiddel korte wapenstok wordt toegekend, onder de randvoorwaarden zoals gesteld op basis van artikel 29 Besluit buitengewoon opsporingsambtenaarin de adviezen van de toezichthouders. Hiertoe vindt op basis van artikel 40en 41 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaarregulier overleg plaats.