BWBR0045098
Geldig vanaf 2022-10-01
Artikel 7
Tijdelijke tegemoetkomingsregeling KO zonder overheidsvergoeding
1. De minister herziet een besluit tot tegemoetkoming of trekt dat in, indien:
a. de aanvrager van een tegemoetkoming in de aanvraag onjuiste of onvolledige informatie heeft verschaft, waardoor de tegemoetkoming ten onrechte is toegekend of voor een te hoog bedrag is toegekend; of
b. uit de gegevens verstrekt door de Belastingdienst/Toeslagen alsnog blijkt dat recht op een tegemoetkoming op grond van de Tijdelijke tegemoetkomingsregeling KO bestaat.
2. Als gevolg van een besluit als bedoeld in het eerste lid vordert de minister de tegemoetkoming geheel of gedeeltelijk terug van degene aan wie de tegemoetkoming is toegekend.
3. Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, kan de minister besluiten geheel of gedeeltelijk van herziening, intrekking of terugvordering af te zien.
a. de aanvrager van een tegemoetkoming in de aanvraag onjuiste of onvolledige informatie heeft verschaft, waardoor de tegemoetkoming ten onrechte is toegekend of voor een te hoog bedrag is toegekend; of
b. uit de gegevens verstrekt door de Belastingdienst/Toeslagen alsnog blijkt dat recht op een tegemoetkoming op grond van de Tijdelijke tegemoetkomingsregeling KO bestaat.
2. Als gevolg van een besluit als bedoeld in het eerste lid vordert de minister de tegemoetkoming geheel of gedeeltelijk terug van degene aan wie de tegemoetkoming is toegekend.
3. Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, kan de minister besluiten geheel of gedeeltelijk van herziening, intrekking of terugvordering af te zien.