BWBR0045030
Geldig vanaf 2022-04-01
Artikel XI
Wijzigingswet Wet op het primair onderwijs, enz. (vereenvoudiging bekostiging scholen voor primair onderwijs en samenwerkingsverbanden)
1. De aanspraak op bekostiging voor materiële instandhouding op grond van <a href="/wet/BWBR0003420" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Hoofdstuk I, Titel IV, Afdeling 4, van de Wet op het primair onderwijs</a>, Hoofdstuk I, Titel III, Afdeling 4, van de Wet op de expertisecentraen <a href="/wet/BWBR0030280" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Hoofdstuk I, Titel III, Afdeling 4, van de Wet primair onderwijs BES</a>, zoals die luidden op de dag voor inwerkingtreding van deze wet, blijft van kracht tot en met 31 december van het jaar van inwerkingtreding van deze wet.
2. De aanspraak op bekostiging op grond van de <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/120" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 120</a>, <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/129" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">129</a>en <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/132" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">132 van de Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/117" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 117</a>en <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/124" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">124 van de Wet op de expertisecentra</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280/artikel/101" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 101</a>en <a href="/wet/BWBR0030280/artikel/110" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">110 van de Wet primair onderwijs BES</a>en artikel <a href="/wet/BWBR0002399/artikel/85d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">85d van de Wet op het voortgezet onderwijs</a>, zoals die bepalingen luidden op de dag voor inwerkingtreding van dit artikel, blijft van kracht tot en met 31 juli van het jaar van inwerkingtreding van deze wet.
3. Voor de periode van 1 augustus tot en met 31 december volgend op de inwerkingtreding van deze wet wordt de aanspraak op personele bekostiging berekend op grond van het bepaalde bij of krachtens de <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/120" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 120</a>, <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/129" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">129</a>en <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/132" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">132 van de Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/117" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 117</a>en <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/124" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">124 van de Wet op de expertisecentra</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280/artikel/101" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 101</a>en <a href="/wet/BWBR0030280/artikel/101" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">110 van de Wet primair onderwijs BES</a>, en <a href="/wet/BWBR0002399/artikel/85d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 85d van de Wet op het voortgezet onderwijs</a>, zoals die bepalingen luidden op de dag voor inwerkingtreding van deze wet.
4. De <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/124" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 124</a>en <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/125b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">125b van de Wet op het primair onderwijs</a>en <a href="/wet/BWBR0002399/artikel/85d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 85d van de Wet op het voortgezet onderwijs</a>, zoals deze luidden op de dag voor de inwerkingtreding van deze wet blijven van toepassing op overdracht van de bekostiging, bedoeld in het tweede en derde lid.
5. Bij ministeriële regeling worden de bedragen vastgesteld waarop de aanspraak, bedoeld in het tweede en derde lid, betrekking heeft.
6. Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2026.
2. De aanspraak op bekostiging op grond van de <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/120" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 120</a>, <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/129" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">129</a>en <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/132" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">132 van de Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/117" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 117</a>en <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/124" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">124 van de Wet op de expertisecentra</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280/artikel/101" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 101</a>en <a href="/wet/BWBR0030280/artikel/110" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">110 van de Wet primair onderwijs BES</a>en artikel <a href="/wet/BWBR0002399/artikel/85d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">85d van de Wet op het voortgezet onderwijs</a>, zoals die bepalingen luidden op de dag voor inwerkingtreding van dit artikel, blijft van kracht tot en met 31 juli van het jaar van inwerkingtreding van deze wet.
3. Voor de periode van 1 augustus tot en met 31 december volgend op de inwerkingtreding van deze wet wordt de aanspraak op personele bekostiging berekend op grond van het bepaalde bij of krachtens de <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/120" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 120</a>, <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/129" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">129</a>en <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/132" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">132 van de Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/117" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 117</a>en <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/124" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">124 van de Wet op de expertisecentra</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280/artikel/101" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 101</a>en <a href="/wet/BWBR0030280/artikel/101" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">110 van de Wet primair onderwijs BES</a>, en <a href="/wet/BWBR0002399/artikel/85d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 85d van de Wet op het voortgezet onderwijs</a>, zoals die bepalingen luidden op de dag voor inwerkingtreding van deze wet.
4. De <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/124" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 124</a>en <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/125b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">125b van de Wet op het primair onderwijs</a>en <a href="/wet/BWBR0002399/artikel/85d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 85d van de Wet op het voortgezet onderwijs</a>, zoals deze luidden op de dag voor de inwerkingtreding van deze wet blijven van toepassing op overdracht van de bekostiging, bedoeld in het tweede en derde lid.
5. Bij ministeriële regeling worden de bedragen vastgesteld waarop de aanspraak, bedoeld in het tweede en derde lid, betrekking heeft.
6. Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2026.