BWBR0044975
Geldig vanaf 31-03-2021
Artikel 7.35
Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
1. Ieder lid van de Kamer kan aan een commissie een schriftelijk voorstel richten om:
a. de Afdeling advisering van de Raad van State te verzoeken de Kamer voorlichting te geven over een aangelegenheid van wetgeving of bestuur; of
b. een adviescollege als bedoeld in de Kaderwet adviescolleges te verzoeken de Kamer te adviseren.
2. De commissie zendt het voorstel met haar advies aan het Presidium. Het Presidium legt het voorstel met het advies van de commissie en, voor zover het dit wenselijk acht, zijn eigen advies voor aan de Kamer.
3. De Kamer besluit over het voorstel.
4. Indien de Kamer een motie aanneemt die strekt tot een verzoek als bedoeld in het eerste lid, dan zijn het tweede en derde lid van overeenkomstige toepassing.
a. de Afdeling advisering van de Raad van State te verzoeken de Kamer voorlichting te geven over een aangelegenheid van wetgeving of bestuur; of
b. een adviescollege als bedoeld in de Kaderwet adviescolleges te verzoeken de Kamer te adviseren.
2. De commissie zendt het voorstel met haar advies aan het Presidium. Het Presidium legt het voorstel met het advies van de commissie en, voor zover het dit wenselijk acht, zijn eigen advies voor aan de Kamer.
3. De Kamer besluit over het voorstel.
4. Indien de Kamer een motie aanneemt die strekt tot een verzoek als bedoeld in het eerste lid, dan zijn het tweede en derde lid van overeenkomstige toepassing.
- Citeren als
- Art. 7.35
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0044975
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl