BWBR0044949
Geldig vanaf 01-03-2021
Artikel 8
Tijdelijke regeling aankoop- en productiekostenbudget buitenlandse literatuur voor uitgevers
1. De subsidieontvanger zendt zo spoedig mogelijk een bewijs van aankoop van de rechten van de boektitel zoals bedoeld in artikel 5, derde lid, de uitgave-overeenkomsten met de vertaler(s), een verklaring dat de vertaler voor de betreffende boektitel subsidie heeft ontvangen van het Letterenfonds en de verwachte publicatiedatum die niet later zal zijn dan 1 april 2024.
2. De subsidieontvanger zendt direct na publicatie een exemplaar toe of stelt hem digitaal ter beschikking te stellen aan het Letterenfonds.
3. De subsidieontvanger doet zo spoedig mogelijk een schriftelijke melding aan het Letterenfonds van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging of intrekking van de subsidie. Daarbij worden de relevante stukken overgelegd.
4. De melding als genoemd in het vorige lid wordt in ieder geval gedaan, indien het aannemelijk is dat:
– de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zijn verricht of zullen worden verricht;
– niet, niet tijdig of niet geheel aan de subsidieverplichtingen wordt voldaan of zal worden voldaan.
5. De subsidie wordt door de subsidieontvanger besteed aan de totstandkoming van de uitgaven waarvoor de subsidie bestemd is.
6. Indien een subsidieontvanger subsidies of geldelijke middelen van derde partijen voor de publicatie heeft ontvangen, dient hij het Letterenfonds hiervan onverwijld in kennis te stellen.
7. Indien de papieren uitgave via de uitgever binnen vier jaar na publicatie niet meer beschikbaar is, is het werk via print on demand of e-boek nog tot vier jaar leverbaar.
8. In de uitgave is het Letterenfonds vermeld als subsidieverstrekker op een door het Letterenfonds aangegeven wijze.
2. De subsidieontvanger zendt direct na publicatie een exemplaar toe of stelt hem digitaal ter beschikking te stellen aan het Letterenfonds.
3. De subsidieontvanger doet zo spoedig mogelijk een schriftelijke melding aan het Letterenfonds van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging of intrekking van de subsidie. Daarbij worden de relevante stukken overgelegd.
4. De melding als genoemd in het vorige lid wordt in ieder geval gedaan, indien het aannemelijk is dat:
– de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zijn verricht of zullen worden verricht;
– niet, niet tijdig of niet geheel aan de subsidieverplichtingen wordt voldaan of zal worden voldaan.
5. De subsidie wordt door de subsidieontvanger besteed aan de totstandkoming van de uitgaven waarvoor de subsidie bestemd is.
6. Indien een subsidieontvanger subsidies of geldelijke middelen van derde partijen voor de publicatie heeft ontvangen, dient hij het Letterenfonds hiervan onverwijld in kennis te stellen.
7. Indien de papieren uitgave via de uitgever binnen vier jaar na publicatie niet meer beschikbaar is, is het werk via print on demand of e-boek nog tot vier jaar leverbaar.
8. In de uitgave is het Letterenfonds vermeld als subsidieverstrekker op een door het Letterenfonds aangegeven wijze.
- Citeren als
- Art. 8
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0044949
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl