BWBR0044949
Geldig vanaf 01-03-2021
Artikel 5
Tijdelijke regeling aankoop- en productiekostenbudget buitenlandse literatuur voor uitgevers
1. De aanvrager heeft de afgelopen twee belastingjaren voorafgaand aan de aanvraag niet meer dan € 200.000 de-minimissteun ontvangen hetgeen wordt onderbouwd door een daartoe strekkende verklaring van de aanvrager.
2. De aanvrager sluit voor elke titel waarvoor een subsidie van € 2.500 is aangevraagd met de betreffende vertaler(s) een uitgave-overeenkomst af, waarin is bepaald dat de vertaler(s) bij het Letterenfonds uiterlijk in de derde ronde van 2021 een subsidieaanvraag indient op grond van de Regeling projectsubsidies voor literaire vertalingen.
3. De rechten van de titel zijn door de uitgever aangekocht na 1 januari 2021 en voor 31 december 2021.
4. De vertaler heeft uiterlijk 31 december 2021 een subsidie ontvangen van het Letterenfonds voor de vertaling van de titel waarop de aanvraag van de uitgever op grond van deze regeling betrekking heeft.
5. Het vertaalde werk, genoemd in het vorige lid, is uitgegeven in een oplage van ten minste 500 exemplaren met uitzondering van poëziebundels en Friestalige literaire werken waarvoor een minimum geldt van 300 exemplaren, en heeft een omvang van minimaal 25.000 woorden met uitzondering van poëziebundels waarvoor een minimum geldt van 20 pagina’s.
6. Indien het een werk in papieren vorm betreft, vindt de distributie plaats via de reguliere boekhandel. Indien de vertaling alleen digitaal is gepubliceerd, blijkt uit de aanvraag dat de uitgever de vertaling ten minste vijf jaar toegankelijk heeft gemaakt dan wel zal maken voor het publiek, en de vertaling breed, via diverse elektronische kanalen, heeft gedistribueerd of distribueert.
7. Voor dezelfde titels als waarvoor in het kader van deze regeling wordt aangevraagd kan niet eerder al een productiesubsidie zijn verleend op grond van de Regeling Schwob, de Regeling literaire uitgaven en de Regeling geïllustreerde kinder- en jeugdliteratuur van het Letterenfonds.
2. De aanvrager sluit voor elke titel waarvoor een subsidie van € 2.500 is aangevraagd met de betreffende vertaler(s) een uitgave-overeenkomst af, waarin is bepaald dat de vertaler(s) bij het Letterenfonds uiterlijk in de derde ronde van 2021 een subsidieaanvraag indient op grond van de Regeling projectsubsidies voor literaire vertalingen.
3. De rechten van de titel zijn door de uitgever aangekocht na 1 januari 2021 en voor 31 december 2021.
4. De vertaler heeft uiterlijk 31 december 2021 een subsidie ontvangen van het Letterenfonds voor de vertaling van de titel waarop de aanvraag van de uitgever op grond van deze regeling betrekking heeft.
5. Het vertaalde werk, genoemd in het vorige lid, is uitgegeven in een oplage van ten minste 500 exemplaren met uitzondering van poëziebundels en Friestalige literaire werken waarvoor een minimum geldt van 300 exemplaren, en heeft een omvang van minimaal 25.000 woorden met uitzondering van poëziebundels waarvoor een minimum geldt van 20 pagina’s.
6. Indien het een werk in papieren vorm betreft, vindt de distributie plaats via de reguliere boekhandel. Indien de vertaling alleen digitaal is gepubliceerd, blijkt uit de aanvraag dat de uitgever de vertaling ten minste vijf jaar toegankelijk heeft gemaakt dan wel zal maken voor het publiek, en de vertaling breed, via diverse elektronische kanalen, heeft gedistribueerd of distribueert.
7. Voor dezelfde titels als waarvoor in het kader van deze regeling wordt aangevraagd kan niet eerder al een productiesubsidie zijn verleend op grond van de Regeling Schwob, de Regeling literaire uitgaven en de Regeling geïllustreerde kinder- en jeugdliteratuur van het Letterenfonds.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0044949
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl