BWBR0044932
Geldig vanaf 2021-03-13
Artikel 7
Regeling specifieke uitkering herstructurering volkshuisvesting
1. De minister stelt een rangschikking op van de aanvragen op basis van een beoordeling van de mate waarin de deelplannen voldoen aan het doel zoals beschreven in artikel 2, eerste lid. De rangschikking wordt bepaald op grond van de behaalde eindscores van de deelplannen bij een gezamenlijke weging van de volgende criteria:
a. effectiviteit;
b. doelmatigheid;
c. hardheid;
d. urgentie; en
e. prioriteit.
2. De scores en de weging van de criteria, bedoeld in het eerste lid, worden bepaald conform bijlage I.
3. Indien meerdere aanvragen gelijk scoren bij de weging, en de toekenning van uitkeringen zou leiden tot overschrijding van het in artikel 4, eerste lid, vastgestelde bedrag, worden de aanvragen onderling gerangschikt op grond van de behaalde score van de deelplannen bij het criterium effectiviteit. Indien daarna nog steeds meerdere aanvragen gelijk scoren worden de aanvragen onderling gerangschikt op grond van de behaalde score bij het criterium prioriteit.
4. De minister kan een rangschikking opstellen die afwijkt van de rangschikking, bedoeld in het eerste en derde lid, indien dat in het belang is van het bereiken van het doel van deze regeling zoals beschreven in artikel 2, eerste lid.
5. Specifieke uitkeringen worden toegekend op volgorde van de rangschikking, bedoeld in het eerste en derde lid, of, indien de minister gebruik maakt van de mogelijkheid in het vierde lid, op volgorde van de rangschikking, bedoeld in dat lid.
a. effectiviteit;
b. doelmatigheid;
c. hardheid;
d. urgentie; en
e. prioriteit.
2. De scores en de weging van de criteria, bedoeld in het eerste lid, worden bepaald conform bijlage I.
3. Indien meerdere aanvragen gelijk scoren bij de weging, en de toekenning van uitkeringen zou leiden tot overschrijding van het in artikel 4, eerste lid, vastgestelde bedrag, worden de aanvragen onderling gerangschikt op grond van de behaalde score van de deelplannen bij het criterium effectiviteit. Indien daarna nog steeds meerdere aanvragen gelijk scoren worden de aanvragen onderling gerangschikt op grond van de behaalde score bij het criterium prioriteit.
4. De minister kan een rangschikking opstellen die afwijkt van de rangschikking, bedoeld in het eerste en derde lid, indien dat in het belang is van het bereiken van het doel van deze regeling zoals beschreven in artikel 2, eerste lid.
5. Specifieke uitkeringen worden toegekend op volgorde van de rangschikking, bedoeld in het eerste en derde lid, of, indien de minister gebruik maakt van de mogelijkheid in het vierde lid, op volgorde van de rangschikking, bedoeld in dat lid.