BWBR0044876
Geldig vanaf 2021-11-26
Artikel 10
Tijdelijke subsidieregeling NL leert door met inzet van sectoraal maatwerk
1. Ter bepaling van de waarde van scholingsactiviteiten als bedoeld in artikel 9, komen de volgende kosten in aanmerking:
a. ingeval de scholing door partijen binnen het samenwerkingsverband wordt uitgevoerd, de directe loonkosten van bij de uitvoering van de scholing betrokken personen, waarbij, ingeval aan een scholing meerdere personen deelnemen, de kosten worden gedeeld door het aantal deelnemers, volgens de berekening, opgenomen in het tweede lid;
b. ingeval de scholing door partijen buiten het samenwerkingsverband worden uitgevoerd, de daadwerkelijke externe kosten van de scholingsactiviteit per deelnemer, onder voorwaarde dat deze kosten marktconform zijn.
2. Voor de directe loonkosten van scholing die binnen het samenwerkingsverband worden uitgevoerd, geldt de volgende berekening om tot de waarde van de scholingsactiviteit per deelnemer te komen:
[tabel]
waarbij:
a. onder uitvoeringsuren per scholing wordt verstaan: het aantal uren dat door de opleider daadwerkelijk aan het geven van scholing wordt besteed; en
b. het norm uurtarief voor interne scholing € 80,00 bedraagt.
3. Ter bepaling van de waarde van activiteiten, bedoeld in de artikelen 5en 7, komen in aanmerking de daadwerkelijke externe kosten van de activiteit per deelnemer, onder voorwaarde dat deze kosten marktconform zijn.
4. Marktconformiteit als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, en derde lid, wordt bepaald aan de hand van:
a. een transparante, objectieve en niet-discriminatoire aanbestedingsprocedure; of
b. een offerteprocedure waarbij ten minste drie offertes zijn aangevraagd en beoordeeld door de subsidieaanvrager indien de kosten per partij buiten het samenwerkingsverband meer bedragen dan € 50.000.
a. ingeval de scholing door partijen binnen het samenwerkingsverband wordt uitgevoerd, de directe loonkosten van bij de uitvoering van de scholing betrokken personen, waarbij, ingeval aan een scholing meerdere personen deelnemen, de kosten worden gedeeld door het aantal deelnemers, volgens de berekening, opgenomen in het tweede lid;
b. ingeval de scholing door partijen buiten het samenwerkingsverband worden uitgevoerd, de daadwerkelijke externe kosten van de scholingsactiviteit per deelnemer, onder voorwaarde dat deze kosten marktconform zijn.
2. Voor de directe loonkosten van scholing die binnen het samenwerkingsverband worden uitgevoerd, geldt de volgende berekening om tot de waarde van de scholingsactiviteit per deelnemer te komen:
[tabel]
waarbij:
a. onder uitvoeringsuren per scholing wordt verstaan: het aantal uren dat door de opleider daadwerkelijk aan het geven van scholing wordt besteed; en
b. het norm uurtarief voor interne scholing € 80,00 bedraagt.
3. Ter bepaling van de waarde van activiteiten, bedoeld in de artikelen 5en 7, komen in aanmerking de daadwerkelijke externe kosten van de activiteit per deelnemer, onder voorwaarde dat deze kosten marktconform zijn.
4. Marktconformiteit als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, en derde lid, wordt bepaald aan de hand van:
a. een transparante, objectieve en niet-discriminatoire aanbestedingsprocedure; of
b. een offerteprocedure waarbij ten minste drie offertes zijn aangevraagd en beoordeeld door de subsidieaanvrager indien de kosten per partij buiten het samenwerkingsverband meer bedragen dan € 50.000.