BWBR0044873
Geldig vanaf 2021-04-01
Artikel 9
Regeling specifieke uitkering Schone Lucht Akkoord
De minister beslist afwijzend op de aanvraag van een specifieke uitkering als:
a. redelijkerwijs aangenomen moet worden dat het project geen bijdrage levert aan het in artikel 3 omschreven doel;
b. reeds een specifieke uitkering of een andere subsidie door het Rijk, een provinciebestuur of een gemeentebestuur is verstrekt voor het project of reeds gebruik is gemaakt van Europese subsidies voor het project;
c. het project gericht is op het beïnvloeden van het binnenklimaat;
d. het project gericht is op het beïnvloeden van de verspreiding van reeds geëmitteerde luchtverontreinigende stoffen ten gunste van de volksgezondheid;
e. het desbetreffende in artikel 8, derde lid, genoemde maximumaantal uitkeringen wordt overschreden;
f. de som van de in aanmerking komende kosten lager is dan € 25.000;
g. een provincie de aanvrager is van een inruilproject.
a. redelijkerwijs aangenomen moet worden dat het project geen bijdrage levert aan het in artikel 3 omschreven doel;
b. reeds een specifieke uitkering of een andere subsidie door het Rijk, een provinciebestuur of een gemeentebestuur is verstrekt voor het project of reeds gebruik is gemaakt van Europese subsidies voor het project;
c. het project gericht is op het beïnvloeden van het binnenklimaat;
d. het project gericht is op het beïnvloeden van de verspreiding van reeds geëmitteerde luchtverontreinigende stoffen ten gunste van de volksgezondheid;
e. het desbetreffende in artikel 8, derde lid, genoemde maximumaantal uitkeringen wordt overschreden;
f. de som van de in aanmerking komende kosten lager is dan € 25.000;
g. een provincie de aanvrager is van een inruilproject.