BWBR0044860
Geldig vanaf 2021-07-01
Artikel 4
Wet Mobiliteitsfonds
1. Jaarlijks biedt Onze Minister gelijktijdig met het voorstel van wet tot vaststelling van de begrotingsstaat van het fonds een Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport aan de Staten-Generaal aan.
2. In het meerjarenprogramma wordt, voor zover als redelijkerwijze mogelijk is, beschreven hoe de middelen van het fonds voor het faciliteren van mobiliteit worden verdeeld over afzonderlijke projecten, projectpakketten of beleidsterreinen.
3. Het meerjarenprogramma verschaft informatie over de uitgaven die ten laste van de rijksbegroting worden gebracht om mobiliteit te faciliteren. Het maakt tevens zichtbaar welk verband er daarbij bestaat tussen de via het fonds gefinancierde en bekostigde uitgaven en de daaruit voortvloeiende uitgaven via andere begrotingen van de rijksbegroting, waaronder de exploitatiesubsidies openbaar vervoer.
4. Het meerjarenprogramma bevat een overzicht van de wijzigingen ten opzichte van het voorgaande jaar in de status van projecten en projectpakketten die bekostigd worden uit het fonds.
2. In het meerjarenprogramma wordt, voor zover als redelijkerwijze mogelijk is, beschreven hoe de middelen van het fonds voor het faciliteren van mobiliteit worden verdeeld over afzonderlijke projecten, projectpakketten of beleidsterreinen.
3. Het meerjarenprogramma verschaft informatie over de uitgaven die ten laste van de rijksbegroting worden gebracht om mobiliteit te faciliteren. Het maakt tevens zichtbaar welk verband er daarbij bestaat tussen de via het fonds gefinancierde en bekostigde uitgaven en de daaruit voortvloeiende uitgaven via andere begrotingen van de rijksbegroting, waaronder de exploitatiesubsidies openbaar vervoer.
4. Het meerjarenprogramma bevat een overzicht van de wijzigingen ten opzichte van het voorgaande jaar in de status van projecten en projectpakketten die bekostigd worden uit het fonds.