BWBR0044717
Geldig vanaf 1953-12-20
Artikel 7
Besluit ex art. 13, vierde lid, Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag
1. Een verbod als bedoeld in de artikelen 1, 2en 3wordt terstond op de daarbij voorgeschreven wijze ter algemene kennis gebracht in het gebied waarvoor het geldt.
2. Bij deze bekendmaking wordt tevens vermeld voor welke periode het geldt.
3. Intrekking van een verbod als bedoeld in de artikelen 1, 2en 3wordt op dezelfde wijze bekend gemaakt als waarop het uitvaardigen daarvan bekend is gemaakt.
4. Intrekking van een verbod als bedoeld in artikel 2wordt door de Commissaris in de provincie onverwijld medegedeeld aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken; intrekking van een verbod als bedoeld in artikel 3wordt door de burgemeester onverwijld medegedeeld aan de Commissaris in de provincie, die van de intrekking kennis geeft aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken onder mededeling van zijn oordeel over de gegrondheid daarvan.
2. Bij deze bekendmaking wordt tevens vermeld voor welke periode het geldt.
3. Intrekking van een verbod als bedoeld in de artikelen 1, 2en 3wordt op dezelfde wijze bekend gemaakt als waarop het uitvaardigen daarvan bekend is gemaakt.
4. Intrekking van een verbod als bedoeld in artikel 2wordt door de Commissaris in de provincie onverwijld medegedeeld aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken; intrekking van een verbod als bedoeld in artikel 3wordt door de burgemeester onverwijld medegedeeld aan de Commissaris in de provincie, die van de intrekking kennis geeft aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken onder mededeling van zijn oordeel over de gegrondheid daarvan.