BWBR0044717
Geldig vanaf 1953-12-20
Artikel 3
Besluit ex art. 13, vierde lid, Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag
1. De burgemeester kan, met inachtneming van de voorschriften van de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag, bepalen, dat het vertoeven in de open lucht in zijn gemeente of in gedeelten daarvan, gedurende door hem aan te geven gedeelten van een etmaal verboden is.
2. Indien hij van deze bevoegdheid gebruik maakt, deelt hij dit terstond mede aan Onze Commissaris in de provincie.
Deze geeft van de genomen maatregel kennis aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken onder mededeling van zijn oordeel omtrent de gegrondheid daarvan.
2. Indien hij van deze bevoegdheid gebruik maakt, deelt hij dit terstond mede aan Onze Commissaris in de provincie.
Deze geeft van de genomen maatregel kennis aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken onder mededeling van zijn oordeel omtrent de gegrondheid daarvan.