BWBR0044328
Geldig vanaf 2020-11-12
Artikel 6
Regeling specifieke uitkering extra financiële middelen RMC-functie
1. Voor de jaren 2020 tot en met 2026 verantwoordt het college van burgemeester en wethouders van de desbetreffende RMC-contactgemeente zich over de besteding van de specifieke uitkering conform artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet.
2. Voor de studiejaren 2020–2021 tot en met 2023–2024 en voor de periode van 1 augustus 2024 tot en met 31 december 2025 beantwoordt het college van burgemeester en wethouders van de desbetreffende RMC-contactgemeente naast de vragen als bedoeld in bijlage 5 van de Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2020–2024, onder ‘Toelichting op de cijfers’, de volgende aanvullende vragen in de effectrapportage voor dat studiejaar:
a. Is dit studiejaar gebruik gemaakt van de extra financiële middelen uit de specifieke uitkering op grond van de Regeling specifieke uitkering extra financiële middelen RMC-functie?; en
b. Zo ja, welke extra activiteiten heeft de regio hiervan ondernomen en welke resultaten zijn hiermee bereikt?
2. Voor de studiejaren 2020–2021 tot en met 2023–2024 en voor de periode van 1 augustus 2024 tot en met 31 december 2025 beantwoordt het college van burgemeester en wethouders van de desbetreffende RMC-contactgemeente naast de vragen als bedoeld in bijlage 5 van de Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2020–2024, onder ‘Toelichting op de cijfers’, de volgende aanvullende vragen in de effectrapportage voor dat studiejaar:
a. Is dit studiejaar gebruik gemaakt van de extra financiële middelen uit de specifieke uitkering op grond van de Regeling specifieke uitkering extra financiële middelen RMC-functie?; en
b. Zo ja, welke extra activiteiten heeft de regio hiervan ondernomen en welke resultaten zijn hiermee bereikt?