BWBR0044007
Geldig vanaf 19-08-2020
Artikel 3
Huishoudelijk reglement van het Nederlands Fonds voor de Film
1. Het Fonds wordt bestuurd door het bestuur, bestaande uit een door de raad van toezicht vast te stellen aantal van tenminste één en ten hoogste twee natuurlijke personen.
2. Indien het bestuur uit één lid bestaat is dit lid van het bestuur belast met het besturen en vertegenwoordigen van het Fonds.
3. Een lid van het bestuur wordt door de Minister benoemd voor een periode van vijf jaar met één mogelijkheid tot verlenging met nog eens maximaal vijf jaar.
4. Ieder lid van het bestuur is gerechtigd tot het uitbrengen van één stem.
5. Indien het bestuur uit twee leden bestaat, zullen zij met goedkeuring van de raad van toezicht een taakverdeling vaststellen welke schriftelijk in een bestuursreglement wordt vastgelegd.
6. In geval van ontstentenis of belet van een lid van het bestuur, zal het overgebleven lid van het bestuur met het gehele bestuur zijn belast.
7. In geval van ontstentenis of belet van alle leden of van het enige lid van het bestuur berust het bestuur tijdelijk bij de raad van toezicht. Indien het aantal leden van het bestuur daalt onder het door de raad van toezicht vast te stellen aantal, is de raad van toezicht verplicht zo spoedig mogelijk in de vacatures te voorzien.
8. De vergaderingen van het bestuur zijn niet openbaar. Al hetgeen daarin besproken en vastgelegd wordt is strikt vertrouwelijk.
9. Het bestuur onderhoudt de contacten met de personeelsvertegenwoordiging.
10. De raad van toezicht voert jaarlijks een functioneringsgesprek met de leden van het bestuur.
11. In alle gevallen waarin het Reglement en eventuele overige reglementen van het Fonds niet voorzien, beslist het bestuur.
12. Leden van het bestuur doen aan de raad van toezicht opgave van al hun nevenfuncties, waaronder bestuursfuncties, commissariaten en adviseurschappen.
13. De functie van lid van het bestuur is, behoudens ontheffing door de raad van toezicht, onverenigbaar met de functie van directeur dan wel bestuurder of het lidmaatschap van een raad van toezicht van instellingen in de filmwereld, met uitzondering van die functies die het bestuur qualitate qua bekleedt.
2. Indien het bestuur uit één lid bestaat is dit lid van het bestuur belast met het besturen en vertegenwoordigen van het Fonds.
3. Een lid van het bestuur wordt door de Minister benoemd voor een periode van vijf jaar met één mogelijkheid tot verlenging met nog eens maximaal vijf jaar.
4. Ieder lid van het bestuur is gerechtigd tot het uitbrengen van één stem.
5. Indien het bestuur uit twee leden bestaat, zullen zij met goedkeuring van de raad van toezicht een taakverdeling vaststellen welke schriftelijk in een bestuursreglement wordt vastgelegd.
6. In geval van ontstentenis of belet van een lid van het bestuur, zal het overgebleven lid van het bestuur met het gehele bestuur zijn belast.
7. In geval van ontstentenis of belet van alle leden of van het enige lid van het bestuur berust het bestuur tijdelijk bij de raad van toezicht. Indien het aantal leden van het bestuur daalt onder het door de raad van toezicht vast te stellen aantal, is de raad van toezicht verplicht zo spoedig mogelijk in de vacatures te voorzien.
8. De vergaderingen van het bestuur zijn niet openbaar. Al hetgeen daarin besproken en vastgelegd wordt is strikt vertrouwelijk.
9. Het bestuur onderhoudt de contacten met de personeelsvertegenwoordiging.
10. De raad van toezicht voert jaarlijks een functioneringsgesprek met de leden van het bestuur.
11. In alle gevallen waarin het Reglement en eventuele overige reglementen van het Fonds niet voorzien, beslist het bestuur.
12. Leden van het bestuur doen aan de raad van toezicht opgave van al hun nevenfuncties, waaronder bestuursfuncties, commissariaten en adviseurschappen.
13. De functie van lid van het bestuur is, behoudens ontheffing door de raad van toezicht, onverenigbaar met de functie van directeur dan wel bestuurder of het lidmaatschap van een raad van toezicht van instellingen in de filmwereld, met uitzondering van die functies die het bestuur qualitate qua bekleedt.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0044007
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl