BWBR0043708
Geldig vanaf 2020-06-26
Artikel 2
Organisatiebesluit BZK 2020
1. De hoofdstructuur van het ministerie bestaat uit de volgende dienstonderdelen:
a. de Algemene Leiding (ALGL);
b. het directoraat-generaal Bestuur, Ruimte en Wonen (DGBRW);
c. het directoraat-generaal Koninkrijksrelaties (DGKR);
d. het directoraat-generaal Overheidsorganisatie (DGOO);
e. het Bureau Algemene Bestuursdienst (BABD);
f. de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD);
g. het directoraat-generaal Vastgoed en Bedrijfsvoering Rijk (DGVBR);
h. de Dienst Nationaal Coördinator Groningen (Dienst NCG);
i. de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving (CZW);
j. het agentschap Dienst van de Huurcommissie (DHC);
k. het agentschap Logius;
l. het agentschap Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG);
m. het cluster Mensen en Middelen (M&M);
n. het cluster Bestuursondersteuning (BO).
2. De dienstonderdelen bestaan uit organisatieonderdelen waarvan de inrichting nader kan worden beschreven op een wijze als bedoeld in artikel 25, tweede lid.
3. De secretaris-generaal geeft rechtstreeks leiding aan de leidinggevende functionarissen van de dienstonderdelen, genoemd in het eerste lid, met uitzondering van het agentschap Dienst Huurcommissie dat ressorteert onder het bestuur van de Huurcommissie.
a. de Algemene Leiding (ALGL);
b. het directoraat-generaal Bestuur, Ruimte en Wonen (DGBRW);
c. het directoraat-generaal Koninkrijksrelaties (DGKR);
d. het directoraat-generaal Overheidsorganisatie (DGOO);
e. het Bureau Algemene Bestuursdienst (BABD);
f. de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD);
g. het directoraat-generaal Vastgoed en Bedrijfsvoering Rijk (DGVBR);
h. de Dienst Nationaal Coördinator Groningen (Dienst NCG);
i. de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving (CZW);
j. het agentschap Dienst van de Huurcommissie (DHC);
k. het agentschap Logius;
l. het agentschap Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG);
m. het cluster Mensen en Middelen (M&M);
n. het cluster Bestuursondersteuning (BO).
2. De dienstonderdelen bestaan uit organisatieonderdelen waarvan de inrichting nader kan worden beschreven op een wijze als bedoeld in artikel 25, tweede lid.
3. De secretaris-generaal geeft rechtstreeks leiding aan de leidinggevende functionarissen van de dienstonderdelen, genoemd in het eerste lid, met uitzondering van het agentschap Dienst Huurcommissie dat ressorteert onder het bestuur van de Huurcommissie.