BWBR0043615
Geldig vanaf 11-06-2020
Artikel 4
Meerjarenregeling Samen Cultuurmaken 2021–2024
1. Subsidie kan worden aangevraagd door een in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigde:
a. culturele instelling die bij de aangevraagde activiteiten samenwerkt met een instelling of professional uit het sociaal domein, of
b. een instelling uit het sociaal domein die bij de aangevraagde activiteiten samenwerkt met een cultureel professional of een culturele instelling, of
c. een cultureel professional die bij de aangevraagde activiteiten samenwerkt met een instelling of professional uit het sociaal domein, of
d. een professional in het sociaal domein die bij de aangevraagde activiteiten samenwerkt met een culturele instelling of een cultureel professional.
2. In aanvulling op het eerste lid worden als samenwerkingspartners ook erkend:
a. zelforganisaties zonder rechtspersoonlijkheid uit het culturele of sociale domein, of
b. onderwijsinstellingen, als samenwerkingspartner voor een partij als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en c, voor zover het buitenschoolse activiteiten betreft.
3. De in het tweede lid bedoelde instellingen of partijen kunnen niet zelfstandig een aanvraag indienen.
4. Subsidie kan niet worden aangevraagd door instellingen met een grootstedelijke of provinciale opdracht en financiering ter ondersteuning van het culturele veld. Deze partijen kunnen evenmin samenwerkingspartner zijn.
a. culturele instelling die bij de aangevraagde activiteiten samenwerkt met een instelling of professional uit het sociaal domein, of
b. een instelling uit het sociaal domein die bij de aangevraagde activiteiten samenwerkt met een cultureel professional of een culturele instelling, of
c. een cultureel professional die bij de aangevraagde activiteiten samenwerkt met een instelling of professional uit het sociaal domein, of
d. een professional in het sociaal domein die bij de aangevraagde activiteiten samenwerkt met een culturele instelling of een cultureel professional.
2. In aanvulling op het eerste lid worden als samenwerkingspartners ook erkend:
a. zelforganisaties zonder rechtspersoonlijkheid uit het culturele of sociale domein, of
b. onderwijsinstellingen, als samenwerkingspartner voor een partij als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en c, voor zover het buitenschoolse activiteiten betreft.
3. De in het tweede lid bedoelde instellingen of partijen kunnen niet zelfstandig een aanvraag indienen.
4. Subsidie kan niet worden aangevraagd door instellingen met een grootstedelijke of provinciale opdracht en financiering ter ondersteuning van het culturele veld. Deze partijen kunnen evenmin samenwerkingspartner zijn.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0043615
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl